Yoricks dagboek deel 3: Marokko - Canarische Eilanden

zondag 13 november 2005 tot zondag 20 november 2005
Vandaag de dertiende was de dag van vertrek uit Gomera, San Sebastian. Nadat de voorbereidingen waren getroffen namen we afscheid van de Belgen en gooiden de touwen los. Tot onze verbazing werden er toeters te voorschijn gehaald, o.a. van de Meerdin met Ernst, en werden we met veel lawaai uitgezwaaid door meerdere Nederlandse schepen die er lagen. De wind rond Gomera was vlagerig en niet erg bruikbaar, maar hoe verder we kwamen hoe beter het ging. De tocht werd gekenmerkt door goede wind, goed weer, veel vis en vermaak. De goede wind hield in dat de richting goed was en niet teveel niet te weinig knopen. Het weer hield in dat de zon scheen en we ’s avonds sterren of de maan tussen de wolken door zagen opkomen, beide een mooi gezicht. Qua vis troffen we het eigenlijk niet heel goed. In het begin werden veel squids (nep inktvisjes) verspeeld aan veel te grote Dorades die op onmogelijke wijzen ons ontglipten. Later op de tocht wisten we eindelijk, na drie vissen verspeeld te hebben, een vis met succes binnen te halen. Met succes werd er nog een binnen gehaald maar de derde bracht al minder succes. Deze bloedde behoorlijk door de haak en begon toen aan zijn doodstrijd door flink te spartelen. Om deze niet te verspelen moest ik op m’n buik een strop om z’n staart doen zodat hij onmogelijk nog overboord kon vallen. Het resultaat: een achterdek onder de bloed spetters, een vis onder het bloed, drie T-shirts onder het bloed en nog veel meer voorwerpen op de achterstag onder het bloed. Een schoonmaakklus was dus wel nodig en was gelukkig goed te doen omdat het bloed simpel in water oplost. Het grotere visgedeelte bestond uit dolfijnen die we in enorme scholen voorbij zagen zwemmen, plonzend, springend, jagend en al. Het gaf een mooi gezicht en even kwamen ze tot op een afstand van tien meter van de boot maar daar bleef het helaas bij. We voeren midden in de nacht Mindelo, Kaap Verde, binnen met succes. We liggen nu prima voor anker samen met nog een heleboel schepen en de komende dagen zullen er nog vele Nederlandse schepen bijkomen die we over de radio gehoord hebben. We zijn al de stad in geweest en de pilot vertelde ons al dat dit het rijkste deel van de Kaap Verde moest zijn en dat klopte. Het zag er niet bepaald arm uit zoals we op Sal met een vakantie al hadden vernomen. Internetten kan hier gelukkig prima dus de site kan ook weer bijgewerkt worden. Allemaal heel positief dus. Naja wij vermaken ons hier wel en bereiden ons voor op de oversteek die over een week of wat zal plaats vinden. We genieten nu lekker van het Kaap Verdische sfeertje voor zolang het duurt. Ciao! 

zaterdag 12 november 2005
De laatste volle dag voordat we Europa verlaten voor een tijdje. De havens veranderen in ankerplaatsen, de vertrouwde Euro’s gaan over in Escudo’s en allerlei Dollars, het weer wordt nog warmer en het echte avontuurlijke begint. Veel van de dag zelf kan ik niet vertellen omdat ik simpelweg pas na de oversteek naar de Kaap Verde aan dit stuk begonnen ben. Ik hou het daarom kort en ga over in het reisverslag van de oversteek. Ciao!

vrijdag 11 november 2005
Bij het horen van deze datum kreeg ik ineens iets van dáár is iets mee… maar wat… Ineens schoten de beelden van kleine kindertjes met lampionnetjes en veel te veel snoep door me heen, Sint-Maarten. Een dag die in een paar jaar ineens een stuk minder belangrijk is geworden. Op je 15e ga je nou eenmaal niet nog even wat snoep kapen. Tegenwoordig betekend die dag voor mij niet veel goeds. Vooral als je net van voetbaltrainen komt, geen energie, zin en motivatie hebt om maar iets te doen en vooral niet van je bank voor de TV af te komen. En toch… als de kleine kinderstemmetjes weer klinken denk je: ‘Zal ik nou opendoen of niet?’ Je bent kapot moe, maar toch slenter je elke keer weer naar de deur om ze toch hun beloning te geven, ik vond het ook altijd teleurstellend als niemand opendeed. Maar hier op Gomera verwachten we niet dat het erg druk zal worden… en toch… Hier het verslag:

In de ochtend besloten we weer even te gaan douchen en dit keer warm water in plaats van dat ijswater van de vorige keer. Terug op de boot gingen we bij de Belgen aan boord zitten, waar Florian op de computer een oud strategiespel aan het spelen was. Na een tijdje gingen we kaarten en daarna een Nederlands kaartspel dat “Koehandel” heet. Een erg leuk spel met dieren en geld en handelen, erg spannend en gewoon zeer vermakelijk. Het geluk was bij de dommen want Yorick won dit spelletje, hoewel de ene na de andere gok werd gewaagd. Na nog een paar spelletjes hadden Miklós en ik wel honger en besloten in de stad te gaan lunchen. De Belgen gingen mee maar voor de gezelligheid, omdat ze al uitgebreid ontbijt hadden. Hun vader was namelijk vandaag jarig en daarom een ruim ontbijt. Na onze lunch doken we met z’n vieren in de Oceans 4 en gingen Rummikubben. De zoon en dochter van Ernst van de Myrdinn waren ook bij ons aan boord gekomen en speelden ook mee. Na een paar potjes vertrokken zei weer en ging Naomi ook even naar haar eigen boot. Twee potjes verder, met z’n drieën, kregen we van Naomi het bericht dat de taart die Marjan had gebakken klaar was. Op de Belgische boot troffen we twee taarten aan en koekjes, allemaal zelf gebakken door Marjan. Eerst hadden ze symbolisch vijf kaarsjes voor Vincent gekocht, maar hij stond erop dat het er 45 werden en zo geschiedde. Hij wist ze allemaal aan te steken voor de laatste was opgebrand en ook allemaal tegelijk uit te blazen, verdeeld over twee taarten. Nico en Wilma kwamen even later ook aan boord en met z’n achten aten we van de heerlijke hapjes van Marjan. Deze lunch om een uur of half vijf was ook behoorlijk heftig en we besloten laat te gaan eten. Daarop gingen Miklós en ik,vergezeld door Florian, naar het internetcafé. Daar kregen we van de man te horen dat ik te snel typte, blijkbaar kan de computer dat niet aan of zo. Dat verklaarde misschien ook waarom er op sommige computers geen entertoets zat om het tempo eruit te halen. Ik kreeg alsnog een computer met entertoets en het ging gewoon goed. Terug op de boot moest er gegeten worden. We hadden al die lunch op dus hielden we het bij soep en brood. Na het eten moest er weer film gekeken worden en dit keer de fantastische film “Bad Boys II”, met o.a. Will Smith. Miklós zei op een gegeven moment dat er een heel grappig stukje aan kwam waar we de vorige keer heel er om gelachen hebben. Ik wist eerst niet waar hij het over had maar daarna lagen we te rollen van het lachen. Een geweldige film, zelf na zeven keer. Daarna was het al aardig laat en gingen we al snel slapen. Morgen blijven we voor het laatst op Gomera om vervolgens zondag te vertrekken. Ciao!

donderdag 10 november 2005
Rond een uur of tien werd ik gewekt voor het ontbijt. Na het ontbijt was het de taak aan Miklós en mij om de rubberboot op te ruimen. De Belgen kwamen nog even langs, om te vragen wat wij gingen doen. Wij wilden naar een internetcafé maar zij niet. We spraken af dat we ze erna wel zouden komen opzoeken en liepen de stad in. Terug op de boot moest ik de kuip schoonvegen en daarna liepen Miklós en ik naar de Belgische boot. Naomi en Florian waren de stad in omdat hun vader morgen jarig is. Ze waren net weg zei Marjan (hun moeder), dus wij er snel achteraan. We troffen ze bij een winkel dichtbij. Naomi moest nog even een brief op de post doen aan de andere kant van het dorpje en daarna gingen we bij de Belgen aan boord zitten. Daar gingen we ons favoriete kaartspel “liegen” spelen waarbij alles mag inclusief kaarten verstoppen wat erg veel lol opleverde. Daarna was het alweer tijd om te eten. Na het eten gaan we opnieuw film kijken, waar ik erg veel zin in heb aangezien de Belgen een scheepslading aan die dingen mee hebben. Morgen is het afwachten of we vertrekken. Als de wind zoals nu hard blijft dan blijven we hier nog. Zo niet, dan vertrekken we morgen voor een zesdaagse tocht naar de Kaap Verde. Ciao! 

Zaterdag 5 november tot woensdag 9 november
Vandaag (zaterdag) vertrekken we in de ochtend naar Tenerife. Het was een wilde tocht en ik heb daarom grotendeels misselijk in m’n kooi gelegen. Een paar mijl voor de haven ben ik buiten gaan zitten en woei het 30 knopen. Even later viel ineens de wind weg tot onder de vijf knopen. Op de motor voeren we Los Cristianos binnen en gooiden de boot voor anker. In Los Cristianos zijn we een paar keer met de rubberboot naar de kant gegaan voor internet, winkels en dergelijke. Het stadje is aardig met leuke terrasjes en restaurantjes. We bleven hier twee dagen waarna we verder koersten naar Gomera, waar de Belgen van Marokko moeten liggen. Ook deze tocht was niet een van de rustigste. Het woei opnieuw hard en ik lag weer veel in m’n kooi tot we de haven naderden. Daar kregen we al gouw te horen dat de haven vol was (je moet ook eigenlijk reserveren wat niet was gelukt). We gooiden hem voor anker waar ook een Finse 50 voeter lag te wachten. Zij mochten al snel naar binnen, maar wij nog niet. We zagen Naomi van de Belgen over de kade lopen en zeiden dat we er zo snel mogelijk aan zouden komen. We maakten de rubberboot klaar en alleen Wilma bleef achter. Miklós en ik wilden naar de Belgen en Nico ging proberen nog een plaats te regelen. Toen we met de dinghy bij de havenmeestersteiger aankwamen wachtte hij ons daar op en vertelde Nico dat er toch wel plaats was maar er wat geschoven moest worden met boten. Hij zei dat hij onze hulp niet nodig had en dat hij hem met Wilma wel in de haven zou leggen. Wij voeren door naar de Belgen waar we hun eindelijk na een lange tijd weer zagen. Daar was ook een vriendin van Naomi aan boord, Nina. We besloten al snel even met Naomi en Florian de stad in te gaan. Nina ging niet mee omdat Noami’s moeder haar een hennatatoeage toebracht, wat nog even ging duren. Deze stad is minder mooi dan Los Cristianos. Er zijn minder mensen, het is er een beetje dood, veel dicht, minder terrasjes, in ieder geval niet een stad om elke dag weer doorheen te slenteren. In de avond besloten we dit keer met Nina wat te gaan drinken, omdat ze de volgende dag terug naar België zou gaan. Florian wilde niet mee, omdat hij moe was. Het was erg gezellig met Naomi en Nina en na veel geklets liepen we nog even naar een strand vlak bij de haven waar de Belgen al eerder gezwommen hadden. Daar sloegen de enorme golven met een nog grotere kracht op het met keien bezaaide strand. Daar zetten we ons gesprek voort en dit keer over allerlei films. Daarna liepen we terug naar de boot waar we opsplitsten. De volgende dag vertrok Nina heel vroeg met de enorme ferry om via Tenerife terug te vliegen naar België. Rond een uur of elf besloten we te gaan zwemmen op het strand bij de haven, met bodyboards van de Belgen. Florian had opnieuw geen zin en we besloten met z’n drieën te gaan. De enorme golven bezorgden ons veel lol en een paar blauwe plekken, maar ‘who cares’? Later op de dag besloten we wat te gaan kaarten, dit keer met Florian. In de avond gingen Miklós en ik met Florian en Naomi uit eten bij de pizzeria, waar we voor een redelijke prijs lekkere pizza’s aten. Na het eten gingen we op de Oceans 4 film kijken. Een film met Wesley Snipes, “Liberty stands still”. Het was een vreselijk saaie film en we besloten dan maar de volgende avond een betere uit te zoeken. (woensdag 9 november). Nico had een auto gehuurd waarmee we over het eiland zouden toeren. We reden eerst over hoofdwegen, waarna het steeds slechter werd en eindigden in een soort rallyparcours met stenen, plassen, veel groen en dwars door het bos. Boven op de hoge bergen van Gomera hadden we continu een prachtig uitzicht. Speciaal was ook de pure stilte die er heerste, geen auto’s, geen mensen (behalve wij), echt heerlijk. Vanaf heel hoog zagen we op een gegeven moment de haven al liggen, maar het was nog een uur rijden, via alle bergweggetjes. We deden nog wat boodschappen en belandden weer op de haven. In de avond keken we dus weer een film en dit keer “De zaak Alzheimer”, een Belgische film. Zeer goede en spannende film dit keer. Daarna was het tijd om te slapen. Ciao!

vrijdag 4 november 2005
Vandaag opnieuw heerlijk uitgeslapen en rond een uur of half elf aan het ontbijt. Vandaag naar Las Palmas! Er werd besloten met de bus te gaan. al snel hadden we een bus richting Las Palmas gevonden, maar we moesten dan wel overstappen in Puerto Rico of hier een half uur wachten. Deze bus voer ons langs de kust wat een erg mooi uitzicht op de kust opleverde. Het ritje gaf een erg toeristische indruk, maar in tegenstelling tot de meeste toeristische plekken, was het wel erg mooi. De busrit duurde zo’n drie kwartier naar Puerto Rico. We dronken wat in een barretje omdat we toch even moesten wachten op de overstapbus. Die bracht ons uiteindelijk naar hartje Las Palmas. Het was me al opgevallen dat er flinke wolkenpartijen boven het eiland hingen en dat het meer werd naar mate we meer naar het noorden reden. Uiteindelijk regende het toen we daar eenmaal aankwamen en we doken snel een bar in om opnieuw wat te drinken en wat te eten. Toen het was opgedroogd zetten we koers naar de haven van Las Palmas waar de ARC-vloot (Atlantic Rally Cruising) afgemeerd ligt. Nico moest ook nog een paar specifieke dingen hebben voor de boot en kon daarvoor terecht bij de watersport winkels bij de haven. We wilden wel even op de haven kijken, om naar bekende schepen te zoeken. De Noorse Blue Marlin uit Bayona bleek er helaas niet te liggen, evenmin andere boten die we kenden. We hadden alle vier meer verwacht van dit startpunt van zo’n evenement. De haven was wel heel erg groot dus geschikt voor het onderbrengen van zoveel schepen, maar zag er heel oud en troosteloos uit. Op de kade vonden we een paar dode kakkerlakken, een dode rat en Miklós dacht dat ie zelfs nog een levende rat weg zag schieten. Op basis van deze waarnemingen en het weer concludeerden we dat we in Mogan toch veel beter lagen. We wilden wat gaan drinken bij een restaurant op de haven. We liepen naar binnen en kregen een tafel toegewezen en bestelden. Even later kregen we van een andere ober te horen dat je binnen alleen kon eten en bij een uitzondering ruzie met z’n manager kreeg. Teleurgesteld verlieten wij het tentje en besloten dan maar iets in de stad te zoeken. Na wat gelopen te hebben en lekkere dingen op de kop getikt te hebben kwamen we opnieuw bij een barretje uit. Daar besloten we alvast warm te gaan eten en dan ’s avonds nog wat brood. Na het eten hadden we Las Palmas wel gezien. De hoofdstad van Grand Canaria stelde ons flink teleur. Geen leuk centrum, weinig leuke tentjes of winkeltjes, niet echt bijzonder en bovendien slecht weer. Snel terug naar het busstation en vonden al gouw een bus naar Mogan. De behulpzame buschauffeur wist ons gelukkig te melden dat deze er wel drie uur over deed om er te komen, omdat deze overal stopte en wees ons een andere bus. Die ging dan naar Puerto Rico en vanaf daar moesten we weer een bus nemen naar Mogan, ook geen probleem. De rit duurt vrij lang, maar je moet dan ook wel een groot stuk van het eiland over. Het overstappen in Puerto Rico duurde wel een tijdje, maar we hadden lekkere dingen en waren in een goed humeur. Deze buschauffeur wilde vast snel naar huis en trapte hem flink op z’n staart. Het was niet echt een comfortabel ritje, in tegenstelling tot de vorige ritjes. Terug in Mogan doken Nico en Wilma de Spar in en Miklós en ik moesten de bootkar gaan halen. Miklós stelde voor dat ik de kar zou pakken en op de boot zou blijven om alvast m’n verslag te gaan schrijven, terwijl hij zou met de kar terug zou gaan naar de Spar. Daar hoefde ik niet lang over na te denken en hielp hem met de kar op de steiger te krijgen. Zometeen nog even wat eten als iedereen weer aan boord is en snel slapen. Morgenvroeg vertrekken we naar Tenerife voor een 60 mijl (96km) lange tocht. Ciao!

donderdag 3 november 2005
Eindelijk uitslapen. Waren we wel aan toe na een week vroeg op. Toch was het een raar idee dat het eigenlijk alweer ‘zo laat’ was. Na het ontbijt zaten we wat op de boot en het was werkelijk bloedheet. Weinig wind en de volle zon in de kuip. Ik vond toch dat het met m’n inmiddels lange haar wel erg warm werd. Ik besloot dat het eraf moest en zo snel mogelijk een kapper te zoeken. Miklós en ik gingen de kant op en namen gelijk een bal mee. We vroeg aan de man van het internetcafé waar de kapper was omdat hij, in tegenstelling tot de meeste Spanjaarden, goed Engels sprak. Hij waarschuwde ons er wel voor dat hij mogelijk dicht was, maar we wisten dat we daar om een uur of half vier wel rekening mee moesten houden. Toch besloten we even een kijkje te nemen en gelukkig was hij wel open. Miklós ging even zitten met het idee dat het nog wel even kon duren. De kapster vroeg hoe ik het wilde en zei ‘like him,’ wijzend op Miklós. Ze zei iets in het Spaans maar ik kon eruit afleiden dat ze verbaasd was. Het was heel snel gedaan. Binnen een minuut of vijf lag mijn vele haar op de grond. Miklós had een fototoestel meegenomen om het plaatsje vast te leggen en wilde ook wel even foto’s maken van mijn grandioze haarverlies. De snelheid verbaasde hem ook want voor hij eenmaal opkeek was er nog maar weinig van over en nam hij snel nog een foto. Ik betaalde acht euro voor dit korte klusje wat we achteraf wel veel vonden. We liepen door naar het voetbalveld en het was heerlijk om de wind door het haar wat ik nog over had te voelen. Het was erg heet om te voetballen maar met een beetje rustig aan doen was het nog wel uit te houden. Miklós kreeg na een tijdje last van z’n been dus gingen we maar even in de schaduw afkoelen. We zaten daar een tijdje en liepen vervolgens terug over de boulevard met een ijsje. Op het strand werden twee zandsculpturen gemaakt, wat er wel mooi uitzag maar niet super speciaal. Op de boot besloten we te gaan Rummikubben met een koude cola. We brachten de rest van de middag op de boot door. Nico en Wilma gingen wat boodschappen doen en zouden voor het eten zorgen. Ik speelde wat op m’n PSP, totdat Nico vanaf de kade riep dat we hem en Wilma moesten komen opzoeken bij de Mexicaan. Het eten was goed met sfeervolle live muziek en helaas een kakkerlak die de sfeer kwam verpesten. Miklós en ik wilden na het eten wel weer naar de boot, terwijl Nico en Wilma nog even bleven. Op de boot probeerde ik internet verbinding te krijgen. Het viel om de haverklap uit maar was nog net genoeg om te kunnen mailen. Na m’n verslag ging Miklós erbij
en duik ik opnieuw achter mijn PSP. Morgen naar Las Palmas. Ciao!

dinsdag 1 november 2005 & woensdag 2 november 2005
Een nieuwe maand is aangebroken en zo ook een nieuwe tocht naar een nieuw eiland. We hebben ons prima vermaakt in de week dat de familie op het eiland was. Eind van de ochtend worden de trossen losgegooid en moeten we ons nog even afmelden bij de havenmeester. Er wordt ons verteld buiten om Fuertaventura te varen omdat het tussen de eilanden aardig kan spoken, vooral veroorzaakt door golven. Dit levert vijftien mijl extra op maar dat maakt op zo’n tocht ook niet veel uit en een rustig tochtje is ook wat waard. Het begint goed. Een te bezeilen koers met een lekker windje. Iedereen begint een beetje te lezen en loopt van binnen naar buiten. Het verloopt prima en al snel gaat de zon onder. De wachten zijn verdeeld. Ik loop de eerste en derde met Nico en de tweede wacht wordt opgevangen door Miklós en Wilma. Het wachtlopen verloopt op zich ook prima, er zijn weinig schepen in de buurt. Ik zit wat te lezen, muziek te luisteren, dan weer te PSP-en, eigenlijk heel rustig. Toch wordt ik op een gegeven moment erg moe, hoewel ik nog even had geslapen. Tot het begin van de wacht was het goed te doen, maar toen de wacht eenmaal begon werd het steeds moeilijker om m’n ogen open te houden. Het leek wel eeuwen te duren en ik was ook ontzettend blij toen ik eindelijk m’n kooi in kon en Wilma en Miklós het overnamen. Ik sliep in no-time en had ook veel moeite om weer mijn kooi te moeten verlaten voor de derde wacht. Het leek wel vijf minuten geleden dat ik erin lag. Negentig procent slapend zat ik op de bank. Later ging het iets beter maar ik was nog steeds verreweg van wakker. Het ritme van de vorige wacht vervolgde zich, muziek luisteren, PSP-en en lezen. Af en toe even kijken of er nog schepen in de buurt zaten. Eigenlijk keek ik meer naar de glasheldere sterrenhemel dan naar de pikzwarte horizon. Er voer namelijk werkelijk niks om ons heen en het werd niet eens spannend. Het ergste was om vanachter mijn felverlichte PSP te komen en dan buiten te moeten uitkijken. Je ziet de eerste vijf minuten amper wat en als je dan eindelijk wel iets ziet is het slechts het schijnsel van Grand Canaria en de kleine lichtjes van Fuertaventura. De kleine beer vind je na tien keer ook binnen twee seconde dus die sport is ook niet spannend meer. De grote beer kon ik echter niet vinden en zat waarschijnlijk sneaky achter de fok of het grootzeil. Ik moest wel heel ver over de kuiprand buigen om dat te kunnen zien dus dat liet ik maar. Ik was nog steeds erg moe en keek veel te vaak op m’n horloge om te zien of er alweer een minuut verstreken was. Ik betrapte zelfs Nico erop dat hij sliep. Naja betrappen, dat gesnurk hoor je door je muziek heen. Toch sliep hij licht, want als ik maar even naar de trap liep gingen toch even de oogjes open, maar ook snel weer dicht en ging het gesnurk weer verder. Toen het eenmaal licht begon te worden werd het makkelijker m’n ogen open te houden en voelde ik me aardig wakker. Ik zat buiten in het ochtend zonnetje muziek te luisteren en Nico te lezen. Hij vertelde me dat hij haaienvinnen had gezien en ik vond het jammer dat hij me niet even riep. Toen Wilma uit mijn kooi kroop bleef ik toch nog even buiten zitten. Uiteindelijk kon ik het niet laten even te gaan liggen en ik sliep vrij snel en werd vlak voor de haven weer wakker. Voor deze haven moest gereserveerd worden en in Calero hadden we al een mailtje vooruit gestuurd. We hebben echter nog geen antwoord ontvangen maar zo lekker Hollands eigenwijs als we zijn varen we gewoon naar binnen en leggen aan bij de meldsteiger. Daar loopt Nico het havenkantoor binnen en komt al snel terug met een plek voor twee nachten en de mededeling dat we snel weg moesten omdat de ferry eraan kwam. We gooiden zo snel mogelijk los nog voor de ferry kon toeteren. Iemand op de steigers werd opgeroepen en hij begeleidde ons naar onze plek. Hier moesten we net als in La Coruña met een havenanker aan de achterkant aanleggen. We besloten al snel de kant op te gaan en beslisten net zo snel te splitsen omdat Miklós en ik wilden internetten. Hier weer een vreemd internetcafé-systeem wat niet eens uit te leggen valt. Na een uurtje internetten was er te weinig geld over om nog een ijsje te halen dus keerden we eerst terug naar de boot. Daar haalden we nog wat geld en vertrokken weer de kant op om een ijsje te halen de rest van de buurt te verkennen. We ontdekten bij toeval een prachtig voetbalveldje. Er werd een bal gehaald en we voetbalden een uur of wat op het mooie veldje. Ineens kwamen een paar vreselijk irritante jochies het veld op. Ze deden een aantal pogingen om de bal weg te trappen en ons dwars te liggen. Toen we ingrepen zetten ze het op een rennen en begonnen vervolgens vanaf achter het ijzeren hek in het Spaans dingen te schreeuwen. Later kwamen er meer vriendjes bij en waren ze met een klein groepje, wat erg irritant aanwezig was. We stopten met voetballen en liepen naar de haven. Ze bleven maar naar ons schreeuwen en we besloten om te keren. Op nog geen 50 meter afstand zetten ze het al op een lopen, waarbij een van de ventjes uitgleed op een stenen muurtje en hard onderuit ging, net goed. De kleine steegjes waar ze zich in verstopten had ik al snel door. We splitsten op om ze even bang te maken. Ik kwam al snel dichtbij een van de vriendjes die doodsbang in het Spaans brabbelde dat hij niks had gezegd. De jochies die ons potje voetbal verstoorden rende gouw naar hun moeder op het terras. Een ervan kwam tegen mij aan zeiken, maar ik zei dat ze dat maar beter kon laten tenzij ze Engels sprak. Na nog wat kat en muis gespeeld te hebben bleef een van de jochies staan en begon wanhopig ‘porque!?’ te schreeuwen. Miklós liep al vlak langs hem heen en ik ook en kon het niet laten hem even een zachte trap tegen z’n been te geven. Gelijk begon hij weer te schreeuwen naar z’n vriendjes en begonnen ze met van alles te gooien, maar richten konden ze niet. Één van hen fietste achter ons aan maar toen Miklós zich alleen al omdraaide stond hij al op z’n trappers en ik had al helemaal geen zin achter deze stakkers aan te rennen. We liepen naar de boot en dronken een koud colaatje. Wilma bereidde het eten en al snel zaten we aan tafel. Na het eten begon ik aan m’n verslag, terwijl Miklós even op m’n PSP speelde. Zometeen wat kranten lezen en daarna slapen. Morgen inkopen doen ter voorbereiding van de oversteek en mogelijk nog even wat van het eiland zien. De bus is een optie en anders een auto voor een dag, als dat betaalbaar is. Ik wil wel graag even naar Las Palmas net zoals Nico. Het wordt vast wel gezellig Ciao!

maandag 31 oktober 2005
De familie zit inmiddels weer in Nederland, we zijn weer met z’n vieren. Nico en Wilma wilden wat van het eiland zien en op tijd weg dus vroeg op. Miklós besloot ook mee te gaan en ik bleef op de boot omdat ik het eiland al gezien had. Na lekker lang internetten kwamen we tevreden terug op de boot. Hier had het wat geregend, maar zij hadden er geen last van gehad. Ik ging vervolgens met Nico en Wilma mee om boodschappen te doen. We reden naar Arrecife om wat was op te halen en daarna door naar de Spar in Puerto del Carmen. De boodschappen waren gedaan en we reden weer naar de haven. Op de haven moest de rubberboot opgeruimd worden. Dit ging wat lastig nu onze zijsteiger in beslag was genomen door Franse buren. Nico gaf mij opdracht om nog even het tankje te vullen en naar een lege box aan de andere kant van de steiger te varen. We tilden het motortje eraf en daarna de rubberboot op de steiger. We draaiden hem in een paar richtingen om het water er snel uit te laten lopen. Ik vroeg aan Nico of er nog veel aangroei opzat omdat hij de bodem aan het schoonmaken was. Hij zei van niet toen mijn oog viel op een heel raar soort aangroei, een donkergekleurde zuigvis van ongeveer twintig centimeter. Ik liep terug naar de boot om Miklós en Wilma te roepen en een fototoestel te verkrijgen. Daarna probeerden we met een dweil het visje eraf te krijgen. Helaas deed dit beestje z’n naam eer aan en liet niet los. Na wat proberen lieten we hem maar liggen. Nico dacht dat het beestje vanzelf zou proberen in het water te komen als hij te weinig lucht kreeg en hij kreeg gelijk. Een tijdje later wist Nico het spartelende beestje terug in het water te gooien. De rest verliep spoedig, alles werd opgeruimd, schoongemaakt, het gaat elke keer sneller. Na het eten werd de boot voorbereid voor de tocht naar Grand Canaria. Daarna snel naar bed om een beetje fit te zijn voor de 24 uur durende tocht. Ciao!

zondag 30 oktober 2005
Alsof het nog niet genoeg was moesten we opnieuw vroeg op en om kwart over acht zaten we met Ruby in de auto. Op het vliegveld troffen we al snel de Gruijsjes bij de meters lange rijen voor de incheckbalie. Een paar gingen wat drinken, een paar voetballen in de lege ruimtes van de enorme hal en de rest wachtte in de rij. Nadat de bagage was afgeleverd was het mogelijk om nog even buiten het “passengers only-gebied” te blijven. Ze hadden ook een half uur vertraging wat wij in ieder geval niet echt erg vonden. We dronken wat, gooiden wat over met Luuks bal en praatten wat. De tijd om te vertrekken was al snel aangebroken en er werd afscheid genomen. We reden naar het hotel, naar oma, Jozien & kids, die de avondvlucht hadden. Miklós en ik gingen al snel zwemmen met Max en Emy. In m’n korte broek het zwembad in, die na een lange douche nog steeds nat was, ondanks ik hem in de zon had gehangen. Er werd geluncht bij één van de twee restaurants in het complex waar we warm lunchten. Na wat opruimen, drinken, zitten, werden de koffers door Miklós en ik naar beneden gesjouwd en naar de receptie gereden. Een bus zou ze ophalen. Oma ging opnieuw met ons mee zodat we haar konden helpen, indien nodig. Eenmaal boven bij de incheckbalies stonden Jozien, Max en Emy al in de rij. De bagage werd afgegeven en we dronken wat op dezelfde plek als in de ochtend. Deze vlucht had geen vertraging en al gouw vertrok ook deel twee van de familie richting Nederland. Hun vluchttijd betrof zeven uur in plaats van de circa vier uur van de Gruijsjes. Dit werd verklaard doordat ze moesten overstappen op Grand Canaria. We reden terug naar de haven waar Miklós en ik een aantal spullen in de boot zetten en Nico en Wilma doorreden naar de stad om uit eten te gaan. Eindelijk tijd om wat achterstallig sitewerk bij te werken en daarna lekker slapen. Het draadloos internet van de haven heeft het blijkbaar begeven want wij ontvangen niks meer, helaas. We zullen dinsdag waarschijnlijk naar Grand Canaria varen (130 mijl, 209 km) en na Grand Canaria koers zetten naar La Gomera om de Belgen van Marokko weer te ontmoeten. We wachten ondertussen op bericht van de Suwarrow Blues (ander Nederlands schip) zodat we mogelijk ook hun kunnen zien. Mocht dit beide lukken dan zal het nog een erg gezellig weeke Canaries worden! Ciao!

zaterdag 29 oktober 2005
Ik sliep dus weer bij oma en na het ontbijt ging ik met Max en Emy naar het zwembad. Na lekker zwemmen hoorden ik dat er voetbal was op het strand met andere hotelgasten en het recreatieteam. Ik ging er heen met Luuk en Max. Mijn conditie is niet al te best na twee maanden niet gevoetbald te hebben en dat merkte ik. Dan maar op doel om nog een beetje iets te doen. Na een uur in de brandende zon gevoetbald te hebben wilde de man van het recreatieteam terug naar het hotel. Ik stelde voor nog even af te koelen in de zee en dat deden we. Ik rende er heen met Max en Luuk op m’n hielen, gooiden m’n schoenen met handdoek neer en dook in de golven. Al snel rende ik keihard terug om m’n schoenen en handdoek te redden van de golven, die iets hoger dan verwacht op het strand sloegen en bijna mijn spullen mee de zee in spoelden. De hoge golven waren erg bijzonder voor de kinderen, want in Nederland halen ze de halve meter niet. Ik sprak met één van de vaders van een jongetje die zelf ook zeilde en het erg leuk vond wat wij ondernamen. Uiteindelijk werd er gedoucht in het gebouwtje bij het strand en we keerden terug naar het hotel. De tegels zijn niet erg voetvriendelijk en ik was blij toen ik eindelijk met Max en Luuk bij het appartement was. Daar wilde Max alweer zwemmen dus liepen we naar het zwembad. Terug in het appartement hoorde ik dat Nico en Wilma met de Gruijsjes een stukje zou gaan varen en ik besloot mee te gaan. Zo kon ik gelijk m’n spullen op de boot leggen. We voeren uit naar een strand waar ik met Luuk heen zwom. Ik zag nog een enkele vis maar voor de rest was de bodem net zo kaal als de rest van het eiland. Puck had het niet zo op het schommelen en begon te brullen tot het vlak bij de haven wat rustiger werd. Luuk werd ook een beetje misselijk maar alles ging goed. Ramon vond het erg leuk om zo even buiten te zijn en probeerde tevergeefs een vis aan de haak te slaan. Ramon, Annemieke en Puck pakten een taxi naar het hotel terwijl ik met Merel, Fleur en Luuk nog even ging varen met het bijbootje. Terug op de boot kleedde ik me om terwijl Luuk en Fleur een slot op de rubberboot zetten. Fleur kreeg het voor elkaar om het hangslotje in het water te laten vallen dus moest Nico een reserve zoeken. Ik maakte nog wat mooie foto’s van de ondergaande zon die nog even over de haven scheen. Even later gingen we uit eten bij de Chinees waar de Gruijsjes al eerder hadden gegeten. Ik bestelde met Miklós een menu voor twee personen. Het duurde erg lang voor alles geserveerd werd, wat tot irritatie leidde. Max en Emy stortten in en daarop besloten oma en Jozien alvast naar het hotel te gaan. We aten af met de rest en het werd erg laat. De Gruijsjes moesten snel slapen omdat ze morgenvroeg een vlucht terug naar Nederland te wachten staat. Nico, Wilma, Miklós, Ruby en ik reden terug naar de haven. Daar werden wat spullen in de boot gezet en besloten wat te gaan drinken omdat het de laatste avond was. Ik sliep vanavond weer op de boot zodat oma en Jozien morgen rustig kunnen inpakken. Morgen dus de familie wegbrengen naar het vliegveld. Ciao!

woensdag 26 oktober 2005 tot vrijdag 27 oktober 2005
Een nadeel van het uitstellen van je verslag is dat je het niet zo goed meer weet wat er gebeurd is. Daarom hier een verslag van de rest van de week met een aantal hoogtepunten. De dagen werden nu vooral gevuld met zwemmen, omdat het eiland verkend was. Er werd waterpolo gespeeld en de PSP vulde ook wat uurtjes. Ik ben tot zaterdag bij oma blijven logeren omdat het erg rommelig was op de boot en hier heb ik goed voorzieningen. Donderdag was oma jarig! Ik kocht cadeautjes voor haar en ’s avonds nam ze de hele groep mee uit eten in hetzelfde restaurant als een paar dagen ervoor. Het was erg gezellig en oma kiest haar locaties wel uit (vorig jaar Sans Pareil en nu Lanzarote). Het bruin worden lukt hier erg goed door het mooie weer. ’s Ochtends lijkt het meestal minder weer maar als de zon begint te schijnen klaart het al gouw op, net als met de mist in Marokko. Een paar heerlijke zonnig dagen dus.

dinsdag 25 oktober 2005
Ook hier kwam er niets van uitslapen terecht. Oma, Jozien & kids hadden een excursie rond het eiland geboekt en moesten vroeg weg. Oma had hiervoor een wekker gezet. Er was geen stekker in haar slaapkamer dus had ze hem in de badkamer gezet. Dat ding ging een uur lang af en ik werd er wakker van terwijl oma er dwars doorheen was geslapen (ze lag direct aan de badkamer). Er werd met z’n allen ontbeten. Jozien bood mij aan mee te gaan met de tour en omdat dit waarschijnlijk de enige kans zou zijn, om wat van het eiland te zien, ging ik proberen of ik nog mee kon. Bij de receptie werd er gebeld en na een tijdje wachten was de rest alvast naar de bus omdat die al snel vertrok. Uiteindelijk werd er bevestigd dat ik mee kon en rende naar de bus. De bus was te laat, wat ons even tijd gaf om uit te rusten van het gehaast. We reden naar de ferry in Playa Blacha om nog wat mensen op te halen die van Fuertaventura kwamen. De volgende stop betrof een prachtig uitzicht op de zee, mooie rotsen en een groenkleurig meer. Oma kon het pad niet belopen en bleef bij de bus wachten. De volgende stop betrof een plek waar toeristen op kamelen konden rijden. Een dozijn kamelen achter elkaar gebonden in een treintje droegen de toeristen een klein stukje de heuvel op voor veel geld. Er waren heel veel van deze treintjes en het stikte er dus van de kamelen. Wij zouden er niet lang stoppen, dus foto’s nemen en weer de bus in. We reden verder over het eiland op weg naar het natuurpark waar de vulkanen zijn. Daar stond een lange file, maar de bus mocht er (over de verkeerde weghelft) langs omdat die op tijd overal moet zijn. Vlakbij het tropische park was een uitzichtpunt waar je uitkeek over Graciosa en de onbewoonde eilanden erachter. Ik liet Jozien, Max, Emy en oma zien waar we hadden gelegen. Daarna volgde de lunch die was inbegrepen. De wijnproeverij was het volgende punt. We kregen drie verschillende wijnen te proeven. Een droge rode (niet erg lekker), een medium zoete witte wijn (wel lekker), en een witte dessertwijn (zoeter dan limonadesiroop, beetje lekker). Hierna volgde opnieuw een uitkijkpunt. De zee was goed te zien vanaf deze hoogte en we keken uit op de vallei met twee dorpjes. Max en ik kregen van Jozien een ijsje terwijl oma en Emy in de bus bleven, omdat ze moe waren. Spectaculair was het volgende: een ondergrondse lagune met een ondergronds meer met daarin blinde, (!) albino, (!) krabbetjes. Oma werd door de reisleider naar de bar begeleidt omdat de vele trappen niet te doen waren voor haar. Nadat we ook het zwembad hadden bekeken dronken we wat met oma. De jus d’orange was zuur en zeker niet zo lekker als in Marokko. Terug in de bus reden we langs de kust terug naar Arrecife en Puerto del Carmen om iedereen af te zetten waar we ze af hadden gezet. Omdat we de stad op een andere plek binnen reden dan we eruit gingen werden we eerder afgezet dan de meesten en een uur eerder dan gepland. Ik ging met Max en Emy zwemmen om wat af te koelen. Er werd brood gegeten terwijl de rest uit eten ging, omdat wij al een drie-gangen-lunch hadden gegeten. Ik belde Nico om wat spullen te brengen om nog een nachtje bij oma te logeren. Ik stapte daarna weer onder de douche. Even later werd er gebeld en kwamen Nico, Wilma, Ruby en Miklós binnen. Nico had de spullen meegenomen. Nadat weer vertrokken schreef ik in m’n siteschrift om een aantal dingen te onthouden. Daarna even PSP-en en even later dook ik m’n bed in. Ciao!

maandag 24 oktober 2005
Alweer vroeg op. De boot moest vandaag het water uit voor de nodige reparaties. Wij legden hem in de hijs-box waar ons werd verteld dat hij daar weg moest omdat we pas later gehesen zouden worden. Nadat hij even in een andere box was verplaatst en terug gevaren werd hij op het droge gezet. Wilma had koffie meegenomen dus we hadden wat te drinken. Ik filmde het hele gebeuren, terwijl Miklós de foto’s nam. De hoge drukt spuit werd erop gezet en daarna werd hij in z’n bok gehesen. Ruby Miklós en ik wilden wat gaan doen en namen een taxi naar het centrum. Daar splitsten we op. Miklós en Ruby gingen op zoek naar een kapper voor Miklós, terwijl ik een andere taxi pakte om naar het hotel van de familie te rijden (overstappen is goedkoper omdat je een ander tarief rijdt). In het hotel zwom ik met de Gruijsjes. Er werden ringen opgedoken, waterpolo met andere hotelgasten gespeeld en later ging ik met Luuk tafeltennissen. Toen we bezig waren kwam er een groep bij en speelden we met z’n allen. Ik won en Luuk werd telkens tweede en ze haakten al snel af (slechte verliezers). De verklaring kon niet duidelijker worden getoond: EEN FEYENOORD-SHIRT! Even later ging ik met Luuk naar het appartement van de familie Gruijs. Miklós en Ruby, die al veel later dan volgens afspraak in het hotel waren, zag ik ineens bij het appartement van Jozien, Max, Emy en oma zitten. Ik ging daar ook heen. Even later gingen we met z’n allen uit eten. Er was geen tafel voor vijftien personen, dus werden er allerlei tafeltjes van twee personen in één beweging tegen elkaar gezet en namen we plaats. Na een heerlijke maaltijd en bijgepraat te hebben werd het tijd om terug te gaan naar het hotel. Oma was met Nico mee in de auto en Mereltje en ik stapten ook snel in en reden zo mee naar het hotel, terwijl de rest liep. Omdat het leven in een boot op het droge niet erg aangenaam is besloot ik bij oma te blijven slapen. Daar had ik wel lekker water en stroom in overvloed, dus even lekker gedoucht en in bad gezeten. Ik had het er erg warm van gekregen en moest eerst buiten afkoelen omdat ik me een beetje duizelig voelde. Uiteindelijk toch lekker slapen in de woonkamer op een bankbed. Ciao!

zondag 23 oktober 2005
Vroeg opstaan, een CD in de speler en hard aan om de rest wakker te maken. Vandaag de dag dat de familie arriveert! We ontbeten zo snel mogelijk en gingen er als hazen ervandoor op weg naar het vliegveld. Van de scooter kwam niks meer terecht omdat we daar te laat voor waren. Op het vliegveld begon het wachten op de familie. Op de bovenverdieping kon je de arrivals beter zien dan door de geblindeerde ramen op de begane grond. Na een tijdje daar te hebben gestaan bleef ik als enige boven. Ineens zag ik Merel (nichtje) langs de bagagebanden rennen. Ik ging snel naar beneden om te zeggen dat ze er elk moment aan zouden komen. De glazen bij de deuren waren geblindeerd, maar die van de autoverhuurkantoren niet, dus konden we zo de familie zien. Ze hadden ons niet meteen door, maar al snel had de familie Gruijs ons door. Ruby en de Ummels hadden ons nog niet door. We zwaaiden naar ze en even later volgde de ontmoeting. Het was erg leuk om weer wat bekende gezichten gezien. Iedereen werd al snel naar de hotelbus begeleid. Alleen oma ging met ons mee zodat we haar konden helpen. De bus werd achtervolgd naar het hotel en even later dronken we wat met z’n allen op het terras bij het zwembad, terwijl er gewacht werd op permissie om de appartementen te betreden. Ik en Nico hielpen de Gruijsjes met het sjouwen van de koffers. Maarliefst zes trappen moesten worden beklommen om bij het appartement te komen. Ze hadden dan wel een mooi uitzicht zo boven het hotel uit, maar de trappen zijn minder. Na het hotel verkend te hebben ging ik met Miklós en Ruby de stad in. Ik wilde nu eindelijk wel een PSP-spel kopen zodat ik me weer kon vermaken en Miklós zocht een kapper. Na wat winkels met belachelijke prijzen te zijn afgelopen liep ik een klein elektronica winkeltje in. Daar vroeg ik naar de prijs van twee spellen. Allebei zeventig euro, wat ik erg veel vond, aangezien ze rond de vijftig euro moeten kosten. Ineens vroeg de man wat mijn prijs was. Ik had nog nooit onderhandeld in een winkel, dus was ik erg verrast. Ik zei dat ik er veertig per spel voor zou willen geven, wat hij te laag vond. Hij bood vijfenzestig voor een spel en €130,- voor beide (ik had maar zeventig bij me). Ik zei dat ik ze dan voor honderd euro beide wilde hebben. Daarop wilde hij ze wegstoppen en toen zei ik dat ik dan ook wel zestig voor een spel zou willen geven. Hij liep terug en zei €125,- voor beide en ik zei dat dat teveel was. Ok 120 euro voor beide. Daarop zei ik: ‘Nou dan kan je met er net zo goed één voor 60 euro meegeven.’ ‘OK deal,’ was het antwoord, dus had ik een nieuw spel. Ridge Racer om precies te zijn. We liepen nog wat winkeltjes af, aten wat en werden door Nico en Wilma opgehaald bij pizzaria “Roma”, waar we gister hadden gegeten. We reden met z’n vijven terug naar de haven waar ik achter mijn PSP dook. Even later kwam de familie aan boord. Miklós en ik namen de neefjes en nichtjes mee voor een kort vaartochtje met de rubberboot, wat ze erg leuk vonden. Er werd gezamenlijk op de boot gegeten, waarna stap voor stap de familie terug keerde naar het hotel. Nu lekker slapen van de lange dag. Ciao!

zaterdag 22 oktober 2005
Ik werd vroeg wakker en om een uur of tien verliet ik m'n bed. Nico merkt dit normaal meteen maar bleef dit keer rustig slapen  (een wonder). Ik ging op de computer en zag dat er in Nederland al aardig wat mensen op MSN waren. Dus even gechat. Nico kwam uiteindelijk na een tijdje ook uit z'n bed en vroeg mij om brood te halen. Dat deed ik in de supermarkt op de kade. Twee verse warme stokbroden, echt heerlijk brood hier. Toen ik terug kwam was Wilma ook wakker en Miklós werd ook gewekt. We ontbeten en bespraken de plannen voor vandaag. We hadden gister gezegd dat we meteen in de ochtend naar de stad zouden gaan voor een huurauto en -scooter. Dit werd helaas weer uitgesteld tot de middag omdat de boot nog in de was gezet moest worden (dit keer de andere kant). We draaiden de boot om (zonder motor) en Miklós en ik begonnen aan de romp. Nico had last van zijn arm maar deed nog wel de scepters, maar Wilma scheen zoveel last van gister te hebben dat ze dit keer niet mee zou helpen. Miklós en ik waren op de helft toen een Engelse vrouw (gelukkig een zeilster) zei: 'Wow... it's shining!' wat we wel konden waarderen. Toen we klaar waren zag het er goed uit en we rustten wat uit en gingen aan de cola en koekjes. Een havenmeester bracht ons een briefje met de vertrektijden van de bus en toen bleek dat we nog een uur hadden tot de bus zou vertrekken. Het was zeker nog tien minuten lopen naar de bus en Miklós en ik wilden wel even douchen. Wij snel douchen en terug op de boot direct omkleden, schoenen aan en wegwezen. We moesten flink doorlopen wat niet erg wou lukken. Ik liep uiteindelijk meters voor en was bijna bij de bushalte (1 min van te voren). Ineens hield Nico een taxi aan en maande mij terug te komen. Zo gehaast en dan een taxi pakken, hmmm. Wel vier euro verder waren we in het centrum. Het oogde heel toeristisch en dat was het ook. Heel veel winkels en om de 50 meter een autoverhuur. We zagen ook een verhuurder die ook scooters aanbood dus hielden we die in de gaten. We dronken ergens wat en genietend van ons drinken begon het te regenen. ZOVEEL KILOMETERS ZUIDELIJKER EN NOG REGEN! Het leven is hard... We liepen door de regen toen het geminderd was naar de supermarkt en deden daar inkopen. Daarna besloten we wel dat we honger hadden en zochten wat te eten, aangezien alle autoverhuur al dicht waren. We kwamen uiteindelijk uit bij een pizzaria met uitstekende pizza's. Na het hoofdgerecht ging ik met Nico even verderop op zoek naar een auto. We liepen een aardig stuk maar slechts één dure autoverhuurder was open. Teleurgesteld terug naar het restaurant. Vlakbij zagen we dat er ineens een open was gegaan die we op de heenweg niet hadden gezien. Die kon ons een Citroën C3 bieden voor een aardig prijsje zonder dat er allerlei euro's bij kwamen. Als Wilma wilde rijden moest ze bijgeschreven worden voor vijf euro, voor de verzekering, ook geen probleem. Nico en ik reden in de Citroën naar het restaurant en meldden Miklós en Wilma het goede nieuws. We aten nog even een toetje, betaalden en reden terug naar de haven. Hierbij misten we een afslag waardoor we te ver het land in reden, maar deze fout werd hersteld door een rondje op de rotonde en we waren al snel bij de haven. We hadden nu in ieder geval een auto, nu nog een scooter. Morgen om half negen weg (vroeg voor onze begrippen) en nog even een scooter huren voor Miklós en mij. Wij willen dan ook op de scooter naar het vliegveld en voortaan zal dat ons vervoer zijn. Zijn we niet afhankelijk van Nico en Wilma. Morgen dus even kijken in hoeverre dat mogelijk is. Op de boot dook ik nog even achter de computer en daarna weer achter mijn PSP handleiding die nu eindelijk doorgespit is. En wat wordt je wijzer? Dat het geluid nog even harder kan dan ik had gedacht. Heel teleurstellend. Het feit dat je elektronica geen water mag geven wetn we nu wel. Achja. Morgen ook even uitkijken naar een spelletje en dan een leuke dag te gemoet gaan, met famillie, vrienden, PSP, internet, zon, zee, strand, met scooter over het eiland rijden en lekker eten. Het leven van een zeiler gaat niet over rozen zullen we maar zeggen. Nu lekker slapen en morgen "vroeg" op. Ik wil iedereen nog even een fijne vakantie wensen!!! Ciao!

vrijdag 21 oktober 2005
Ik merk dat ik steeds vroeger wakker wordt. Waarom weet ik niet. Okee ik maak het iets minder laat maar toch. In ieder geval was ik om een uur of negen al m’n bed uit en ging even op de computer om de PSP bij te werken en de handleiding door te nemen. Nico meldde zich ook al snel en toen de monteur met tolk aan boord kwam was ook Wilma wakker. Ik zat dus rustig te computeren terwijl Nico discussie voerde met de monteur. Ineens zag ik in mijn ooghoek hoe Miklós uit z’n bed werd getrokken, wat hij vast niet prettig vond. Nadat de monteur weg was ontbeten we en werd er een plan gemaakt voor vandaag. Het kwam erop neer dat de boot er maandag uit moet en Nico wil de boot in de was zetten (de romp). Dit is makkelijker vanaf de steiger dan vanaf een ladder dus dat moest gebeuren en in de middag was het plan om naar het stadje te gaan voor een auto en een scooter. Eerst werd er dus begonnen met poetsen. Wilma, Miklós en ik werkten keihard om het ook in een beetje tempo af te krijgen, terwijl Nico wat over de werf liep om het een en ander te weten te krijgen. Toen we klaar waren zag het er mooi uit en waren we wel een beetje moe. Ik ging even mijn verslag van gister schrijven en hoorde dat Nico en Wilma ‘even wat gingen drinken.’ Na ruim een uur waren ze nog niet terug (kan ook twee uur geweest zijn) en ging ik maar eens kijken waar ze uithingen. Ze bleken op de Sepia te zitten en ik vroeg of we nog naar het stadje zouden gaan. Ze hadden besloten dat het morgen zou worden, tot mijn ongenoegen. Ik meldde het Miklós op de boot, die zat te computeren. Na een kwartiertje kwamen Nico en Wilma weer aan boord en deelden ze nogmaals mee dat we morgen naar het stadje zouden gaan (alweer uitgesteld). Gelukkig was wel het plan om uit eten te gaan. Na wat krant lezen en zitten gingen we eindelijk de kade op om wat te eten. Miklós vertelde dat hij via Niels Zwart had gehoord over een goed Italiaans restaurant, dus gingen we daar eten. Eenmaal aangekomen bleken ze geen pizza te hebben, tot groot ongenoegen van Miklós en ik. Dan maar wat minder Italiaans. Miklós besloot zijn vest te gaan halen en hij nam gelijk die van mij mee. Het eten werd geserveerd en we wachtten op hem. Eindelijk was hij terug (het werd koud) en we aten heerlijk. De bediening was goed en we zaten lekker te kletsen. Daarna gingen Nico en Wilma rechts voor een korte wandeling en Miklós en ik links naar de boot. Daar ging ik eerst even op de computer om o.a. de Belgen te mailen waar ze uithingen. Via hun site kwam ik te weten dat ze 19 oktober nog in Marokko zaten en zo snel mogelijk naar Graciosa zouden vertrekken. We hopen dus dat ze snel komen. Nu even lekker snel mijn verslag weggetypt en nu ga ik mijn bed op zoeken. Morgen dan eindelijk naar het stadje en Nico wil dat we de andere kant van de boot ook poetsen. Naja we zien wel. Ciao!

donderdag 20 oktober 2005
Another day a Lanzarote. Lekker weer, lekker ontbijt, oftewel een goed begin van de dag. Er stond niet veel gepland. Ik ging op de computer om eindelijk eens een Nederlandstalige handleiding voor mijn PSP te vinden. Tevergeefs… niet te vinden. Ineens werd er geklopt en ik liep naar buiten. Het was een monteur met een vrouwe ernaast die voor hem tolkte. Ze vroegen naar Nico en ik zei dat we hem wel even zouden bellen. Miklós belde Nico en hij was binnen een paar minuten bij de boot. Na nog wat computeren besloten Miklós en ik de kant op te gaan, kijken of we een dorp of zo konden bereiken waar we een scooter kunnen huren. We liepen een stuk langs de autoweg, uiteindelijk bestond het zicht alleen uit levenloos terrein en snelweg, dus keerden we terug. We haalden een ijsje bij een cafeetje op de haven. Ik vroeg de man nog of hij wist waar een scooterverhuur zat, maar hij sprak amper Engels en wist niet precies wat ik bedoelde. We gingen terug naar de boot waar al snel de Sepia aan boord kwam. Ik ging na tien minuten verder met het zoeken naar een handleiding op de computer terwijl de rest zat te borrelen. Toen ze weg waren maakte Wilma eten en aten we een redelijk Nederlandse maaltijd, met aardappelen, vlees en sla. Daarna was het al aardig laat en ging iedereen behalve Miklós slapen. Morgen alvast het een en ander doen zodat de boot uit het water kan. Misschien ook even naar het dorp om te kijken naar een scooter. Ciao!

woensdag 19 oktober 2005
Ik werd vroeg wakker en ging in de kuip zitten. Ik keek ook even in het glasheldere water naast de boot en zag ineens een steen zwemmen. Dit bleek echter een inktvisje te zijn en ik riep de anderen ook aan dek om het wezentje te aanschouwen. Nico had met Wilma overlegd over een bijdrage aan de PSP en na het ontbijt ging ik die met Nico halen. We kregen er wat drinken en ik zag een poster waarop stond dat als je jouw product ergens goedkoper vond je al je geld terugkreeg. Dat zou wel heel erg mooi zijn dus ik hou mijn ogen zeker open. Ze hadden helaas geen Engelse handleiding, alleen Portugees, Spaans, Duits en Frans. Dan maar op internet een Nederlandse zoeken. Ze hadden er niet erg boeiende spelletjes, dus liep ik met Nico verder naar een grote elektronicazaak daar hadden ze meer spellen maar niet wat ik zocht. Nico wilde nog even langs de viswinkel voor een molen. We kochten er een voor op de reling en namen een rol draad mee. We gingen naar de boot waar we al gouw vertrokken. Ik keek toe hoe Nico het anker ophaalde. Er bleek een steen op de zijn gekomen, gelukkig niet zwaar genoeg om ons het ophalen te beletten. Met veel moeite kregen we de steen eraf. We voeren langzaam omdat de as nog niet 100% goed gemonteerd is. Tijdens het varen wonden ik en Nico (en later ook Miklós) het rolletje visdraad op het molentje. Dit was nog wel een klus. Maarliefst 500 meter moest er afgerold en opgerold worden. Toen dat gedaan was laadde ik de accu van mijn PSP op en ging met Miklós vier op een rij spelen om de tijd te doden. Uiteindelijk was de accu vol en ging ik mijn PSP verkennen. Er zat een demo in het pakket met wat videoclips, een filmtrailer van Spiderman 2 en trailers van games. Het beeld is haarscherp, echt heel mooi en ik ben er dan ook zeer tevreden mee. Na een langzame tocht (van maar 10 mijl) kwamen we eindelijk in Porto Calero aan. Daar lagen twee megajachten. Een motorjacht en een zeiljacht. Allebei zeker ter waarde van een verzameling nullen. Ik vond ze erg mooi maar o.a. Wilma dacht er anders over. We tankten en vulde de watertanks terwijl Nico een bod regelde. Er werd aangelegd en we aanschouwden de haven. Erg luxe, veel rijke mensen en alles is gemaakt, maar wel mooi. Het is erg rustig op de haven. Miklós en ik besloten de buurt te gaan verkennen en kwamen uit op een boulevard met uitzicht over de zee en een stukje Lanzarote. We smeden een plan om een scooter te huren, omdat het hotel waar onze familie verblijft wel eens erg ver weg kon zijn. Morgen bekijken we de opties. We liepen terug naar de boot en besloten te gaan douchen. Op zo’n haven verwacht je toch redelijke douches, maar deze werkten op een boiler en waren lauw, niet echt lekker. Het moest maar. Terug op de boot werd besloten op de kant te gaan eten en even later zaten we aan de tapas. Miklós en ik gingen iets eerder terug dan Nico en Wilma zodat we nog even wat konden MSNen en mailen voor iedereen in NL in bed lag. Nadat Nico en Wilma aan boord waren gekomen gingen ze naar bed en ik ook, Miklós bleef computeren. Lekker slapen en morgen meer van het gebied verkennen. Ciao!

dinsdag 18 oktober 2005
Lekker voor anker voor Arrecife. Miklós en ik gingen de kant op om een beetje te internetten en rond te lopen. We dronken hier en daar wat en ik vergeleek wat prijzen voor een PSP. Uiteindelijk was 234 euro het laagste dat ik vond en ging erover nadenken. Uiteindelijk internetten, helaas kon er geen USB in (beveiligd). Dus we konden geen nieuwe muziek krijgen. Na twee uur internet liepen we terug naar de steiger vlakbij de boot. Ik riep Wilma op om ons op te komen halen. We kregen te horen dat we de was op moesten halen die we eerder de dag weggebracht hadden. We liepen erheen kregen de was mee en liepen met loodzware zakken de halve stad door. Met lamme armen riep ik Wilma op die ons ophaalde. Nico en Wilma hadden aan de boot gewerkt, de motorsteunen waren geïnstalleerd. De rest van de middag hebben we niet veel gedaan maar wel lekker gegeten. Miklós en ik probeerden om een uur of 10 (11 uur NL) nog te internetten. Daar aangekomen zei de eigenaar dat hij dicht ging, al om 22:00. Ik vond het belachelijk, de meeste zijn zeker tot een uur of 0:00 open. wij terug naar de boot en ik schonk twee glazen Sangria in terwijl Miklós Ruby belde. Nu lekker uitrusten en morgen maar eens echt wat gaan doen. Als het mogelijk is gaan we verder naar Calero waar een monteur de as moet gaan controleren. Ciao!

maandag 17 oktober 2005
Schommelen, schommelen, heen en weer…Heel fijn zo’n verkeerde windrichting. Toch sliep ik goed. Gewoon lekker uitgerust aan het ontbijt. Het plan was om te blijven liggen, maar dat ging niet door. Nico had een monteur gebeld voor kapotte motorsteunen en we moesten naar een haven zodat de monteur aan boord kon komen. We voeren uit met redelijk weer. Toen we buiten waren scheen zelfs de zon. Ik ging lekker op het dek lezen in de zon tot het begon te regenen. Vervelend… Naja je kan niet alles hebben. Het leuke van de tocht was dat je op 30 meter diepte de bodem kon zien, zo glashelder water hier. Het lezen moest dan binnen maar voortgezet worden, ook niet erg. We waren er sneller dan gepland en met de verrekijker verkenden Nico en ik de haven. we zagen dat er minimaal twee boten moesten liggen. Eenmaal aangekomen bleken er meer te liggen, maar wel alles voor anker. Ook niet erg. De dinghy hing nog achter de boot, dus dan gewoon met de dinghy de kant op. Het water was ook hier lekker helder en we konden het anker op de bodem zien liggen. We voeren dus naar de kant en zochten iets te eten. We vonden een restaurant en ik at daar pizza. Niet zo lekker als bij Tarantella (oej sluikreclame!), maar het was goed tegen de honger. We liepen nog wat door het stadje, haalden een ijsje en zagen de ene na de andere keukenshowroom. Wilma had het snel gezien, maar ik vond het wel een aardige stad. Het is nou eenmaal toeristisch, just deal whit it. We vonden nog wat brood voor de volgende morgen en we voeren terug naar de boot. We zijn nu lekker wat aan het drinken dus ik ga gouw weer naar buiten. Morgen blijven we liggen, zodat de motormeneer z’n werk kan doen. Ciao!

zondag 16 oktober 2005
Twee keer uit m’n bed gehaald vannacht. Een keer omdat de satelliettelefoon liep te piepen en in de ochtend nog een keer omdat het alarm van de rubberboot afging. Dus niet echt uitgerust zat ik aan het ontbijt. We werden nog even tijdens het ontbijt getrakteerd op een boot vol toeristen. Een paar kano’s konden ons geen last bezorgen, maar een jetski met een banaan erachter met veel te dikke toeristen erop wel. Ik ging juist even kijken naar dat ding om te zien hoe een paar toeristjes zo het water in lazerden. Helaas was dit ding zo toeristisch dat het onmogelijk was eraf te vallen. De jetskiër ging zo langzaam door de bocht dat het moeilijker leek om eraf te vallen dan erop te blijven zitten. Teleurgesteld ging ik weer zitten waar we met z’n vieren wat kletsten over van alles en nog wat. Het was vandaag bewolkt en de zon kreeg niet echt de kans om goed door te breken. Zwemmen was dus geen optie en op het strand zitten ook niet. Miklós en ik besloten met de rubberboot naar de haven te gaan om daar te internetten, het stadje te verkennen en wat boodschappen te doen. Na wat spullen bij elkaar geraapt te hebben vertrokken we. De golven waren voor een rubberboot vrij hoog, maar met wind mee leverde dit aardig wat snelheid op. Het ging ook lekker snel en binnen een kwartier waren we in de haven. Er was wel wat water in de rubberboot gekomen, doordat we van een golf afgleden, de voorkant zich in de golf ervoor boorde en zo heel wat water de boot in kwam. We legden aan en liepen wat rond. We zagen twee supermarkten wat restaurantjes en uiteindelijk ook het internetcafé. De supermarkt en het internetcafé waren dicht, omdat in Spanje (waar dit bij hoort) alles tussen 14:00 en 17:00 sluit. Toen besloten we wat te gaan drinken en we hadden ook wel honger. Na twee cola vond ik op de bar een menu kaart die ik even meenam naar de tafel om te bestuderen. Alles was verschrikkelijk duur dus zagen ervan af wat te eten. Na betaald te hebben liepen we verder over de boulevard. We haalden bij een klein cafeetje een ijsje voor de asociale prijs van €2,- per stuk. Net even buiten het havengedeelte waren twee restaurantjes. Een ervan leek ons wel geschikt om te eten en zag er ook niet zo duur uit. Dit bleek uiteindelijk enkel een café en we konden er niets eten begrepen we van de niet Engels sprekende vrouw. Het restaurant ernaast zag er net iets mooier uit, maar bleek niet zo asociaal duur te zijn. We aten daar wat en na nog wat praten liepen we weer naar buiten. De rubberboot moest nog geleegd worden dus voeren we het bootje naar het strand. Daar kregen we de stop er niet uit en besloten de boot te kantelen. Dit lukte goed en er stroomde erg veel water uit. Toen begon het wachten. Om 17:00 zouden de supermarkten weer open gaan en wij zouden wat te eten halen. We gooiden wat met steentjes in het rond en liepen over het strandje. Uiteindelijk ging ik even naar de WC bij het restaurant waar we gegeten hadden. Toen ik terug kwam gebaarde Miklós snel te komen, omdat het laag water was geworden en de boot snel het water in moest. We tilden het bootje het water in, waar Miklós hem op z’n plek hield terwijl ik wachtte tot de supermarkt open ging. Om 17:00 ging de supermarkt nog niet open. Ineens zag ik iemand met een tasje van de andere supermarkt lopen en besloot daar maar te gaan kijken. Die was wel open. We zouden pizza’s halen maar die bleken ze niet te hebben. Ik wist dat we nog wel blikken knakworst aan boord hadden en nam hotdogbroodjes mee en een pak koek. Miklós voer de boot naar de steigers waar ik instapte en we voeren terug naar de boot. Dit keer tegen de wind in. Het stuiterde flink maar desondanks kwamen we nog redelijk droog aan. Het duurde wel 25 voor we er waren, maar dat maakte ons niet veel uit. Op de boot zaten we met z’n vieren buiten en om een uur of negen kreeg ik toch wel honger en ging wat eten maken. Ik maakte de knakworstjes voor ons vieren en daarna nog een keer voor Nico en mij terwijl Miklós aan iets anders begon. Na het eten begon ik aan m’n verslag en zo meteen ga ik slapen om wat in te halen van de vorige nacht. Morgen blijven we liggen en hopelijk dit keer met mooi weer en een gunstigere wind om het schommelen te stoppen. Ciao!

vrijdag 14 oktober 2005 & zaterdag 15 oktober 2005
Om 03:40 wordt ik gewekt. ‘Yorick we gaan!’ ‘Ehhh pap… het is nog geeneens vier uur en we zouden vijf uur vertrekken’ ‘Nou en, de vissers gaan ook weg dus wij ook!’ Pfff, naja het moest maar. Om vier uur in de ochtend voeren Nico en ik de Oceans 4 Agadir uit, doei Marokko, op weg naar de Canarische Eilanden! Er stond een beetje wind dus we konden zeilen. Alles ging goed en het was niet al te druk. Ik zou van 05:00 tot 08:00 wachtlopen, drie uur dus. Nu dus van 04:00 tot 08:00 weer een uurtje extra. Dit leek niet al te erg maar om een uur of half 8 werd ik toch behoorlijk moe. Gewoon slecht geslapen. Ik was dan ook blij dat Wilma even over half acht naar buiten kwam en ik kon gaan slapen. Na lekker geslapen te hebben werd ik ergens laat in de ochtend wakker. Het schommelde nogal dus ik had niet de behoefte om naar buiten te gaan. Ik bleef in m’n bed tot het in de avond wat rustiger werd en zelfs even ging kijken. Wilma gaf nog twee keer water maar voor de rest ging er niks in. Na een keer naar de WC en terug te zijn gelopen trilden m’n benen en moest er toch iets gegeten worden. Dan toch maar een appel. Ik had met Wilma afgesproken dat ik van 03:00 tot 06:00 zou wachtlopen met haar en dat ging goed. Wat muziek luisteren en kletsen. Een schip bracht nog wat spanning maar die voer uiteindelijk achter ons langs. Aan stuurboord zag ik op de radar nog een vlek maar we zagen geen licht. Dit was waarschijnlijk een bui die wij gelukkig niet over ons heen kregen. Nico liep het laatste deel van de wacht met me mee. Om 06:00 ging ik weer slapen. Ik werd weer einde van de ochtend wakker gemaakt door Wilma, met de mededeling dat we al land zagen en het mooi weer was. Genoeg reden om even een kijkje te nemen en inderdaad was het lekker buiten. Zon, rustige zee en inderdaad hadden we zicht op Lanzarote, Graciosa en nog een eilandje waarvan ik de naam niet weet. We zouden om 14:00 aankomen. Dit werd met een half uur vervroegd en we gooiden het anker uit in een baai. Snel even de veel te lege maagjes vullen. Dat ging er wel in, zeker omdat ik anderhalve dag leef op twee appels en twee cakejes. De rubberboot werd opgepompt, wat spullen bij elkaar gezocht en we gingen van de boot af. Nico en Wilma zetten Miklós en mij af op het strand en zij zouden naar de haven varen om formaliteiten te regelen. Miklós en ik probeerden te gaan snorkelen. Ik zag nog een paar visjes maar het zicht werd erg beperkt door zand in het water. We hadden het snel gezien en gingen weer op het strand liggen. Ik liep nog even met m’n portofoon een stukje omhoog om Nico of Wilma op te roepen, om te kijken waar ze waren. Nico antwoordde dat ze op de haven waren en er over twintig minuten zouden zijn. Dit duurde nog even langer. Miklós en ik gingen maar weer even beachballen (twee houten rackets en balletje) en later meldde Nico dat ze dichtbij waren. Het water was gezakt en we moesten met de spullen over stenen lopen om in het rubberbootje te komen. Dit was niet zo fijn maar het ging goed. We voeren naar de boot. Na het eten dronken we wat, waar iedereen heel vrolijk van werd. Om kwart over negen gingen Nico en Wilma slapen, ik m’n kooi opruimen en Miklós computeren. Miklós gaat nu alvast slapen en ik maak dit stukje. Morgen lekker blijven liggen en genieten van het Canarische zonnetje. Ciao!

donderdag 13 oktober 2005
De laatste dag in Marokko! Een dag die gepland was voor het regelen van formaliteiten en het doen van boodschappen. Er moet hier ergens een grote supermarkt zijn zoals menig in Portugal. Onze buurman die aan de wal licht bleek ineens een passagiersboot te zijn voor dagtochtjes. Hij vertrok en wij lagen aan de kant, maar moesten weg op het moment dat hij om 16:00 terugkwam. Het had geen nut om voor die tijd nog weg te gaan. Ik kon nog wel even internetten, maar de verbinding was zwak. MSN viel constant uit, alleen mail was te doen. Daarna nam Miklós mijn positie achter de computer over en begon het vervelen. Een beetje vliegen meppen, op de bank zitten en muziek luisteren vulde de tijd. Nico en Wilma gingen nog even bij een andere Nederlandse boot op bezoek. Ik ging ook even een kijkje nemen. De man woonde hier zo’n beetje al drie maanden. Hij heet Willem. Hij zei dat hij al leerde denken als een Marokkaan. Als hij een paar klanten meeneemt naar z’n standaard restaurant dan mag hij er inmiddels zelf gratis eten. Slapen doet hij in een hotel voor €12,-. Achja, in dit land is alles mogelijk. Uiteindelijk kwam het ding terug en moesten wij en onze Franse buren weg zodat hij aan de kant kon liggen. De mannen op de boot stonden allemaal heel zelfvoldaan op de punt alsof de boot van hen was. Wij wisten beter. De toeristjes kwamen met rood verbrande koppen de boot af. Tijdens het korte tochtje door de haven had onze Franse buurman een plasticzak in z’n schroef gekregen. Erg vervelend, zeker in zo’n vieze haven waar je niet even onder je boot duikt. De Fransen gingen eerst tegen de toeristenboot liggen, zodat wij morgen om 06:00 er makkelijk uit kunnen. Daarna konden we eindelijk van de boot af. Miklós bleef achter op de boot, terwijl ik met Nico en Wilma naar de supermarkt ging. We regelden een taxi, dit keer met meter. Er werd dan ook een redelijke prijs van iets minder dan 20 Dirham (€2,00) gerekend en we werden voor de deur afgezet. Deze supermarkt was inderdaad enorm. Net als in Portugal had deze ook echt alles en deed heel Agadir hier z’n boodschappen. Om zes uur ging het ding dicht tot een uur of acht. Toen we binnenkwamen was het ongelooflijk druk en toen we net even over zessen afrekenden was het helemaal leeg. Bij het afrekenen bleek dat ik de enige fles Sangria uit het rek had gepakt zonder streepjescode. Ik moest dus terug om een nieuwe te halen. Bij de smalle ingang van het drankgedeelte staat normaal een wachter die paspoort nummers etc. opschrijft en zo controleert wie er naar binnen loopt. Marokkanen mogen waarschijnlijk tijdens de Ramadan geen drank kopen en ook daar wordt streng op toe gezien. Ik kon zo de ruimte inlopen, er stond namelijk geen wachter. Ik wissel de fles om en ineens stond er zo’n wachtertje bij de uitgang. Hij zeurde iets over paspoorten en nadat hij een eind Frans in de ruimte had geluld vroeg ik of hij Engels sprak. ‘Nee, spreek jij Frans?’ was het antwoord. Ik zei van niet want ik had geen zin in een Franse discussie. Ik lulde hem plat in het Engels, met het verhaal dat ik van de caissière de fles moest omwisselen. Dit was waar en de man wist echt niet meer hoe te reageren en liet me door. De enorme parkeerplaats stond vol bij aankomst en slechts nog een busje op de terugweg. Normaal staan er petit taxi’s op de parkeerplaats maar aangezien de supermarkt al dicht was, waren ook de taxi’s gevlogen. Op de grote weg die erlangs liep hield Nico een taxi aan. Toen hij aankwam en wij instapten zag ik dat de meter al wat verder stond (al 7 DH). De man had het ritje naar de supermarkt ook al meegerekend. We hadden geen zin in discussie en ach, zoveel kost het nou ook weer niet. Terug betaalden we opnieuw 20 Dirham. Toen we stopten haalde ik Miklós en we ruimden de boot in. Nadat alles vrij snel was opgeruimd en het karton weggegooid vanwege de kakkerlakken dronken we wat. Zometeen eten we pizza en dan ga ik snel slapen omdat we morgen erg vroeg weggaan. Ciao!

woensdag 12 oktober 2005
Na het ontbijt was het plan om de kant op te gaan. Op de een of andere manier kwam het niet van de grond. Miklós computerde, ik zat op de bank en Nico en Wilma begonnen ineens van alles schoon te maken. Nadat een paar uren waren verstreken konden we dan eindelijk de kant op. Ik zag het wel zitten om naar het boven op de berg gelegen fort te gaan. Er werd niet enthousiast op gereageerd en er werd een plan gemaakt om naar de markt te gaan. Ik stapte van boord en keek naar de enorme berg met de tekst erop. Toen Miklós ook op de steiger stond te wachten dacht hij iets van een kameel bij het fort te zien. Mij leek het wat groot voor een kameel, maar toen ik zag dat het bewoog was ik overtuigd. De pasjes werden meegenomen en we liepen het haventerrein af. Net buiten het haventerrein was een taxistandplaats. Daar aangekomen werden we gelijk door vijf taxichauffeurs aangeklampt. Ineens regelde Nico toch een taxi naar het fort. Twee “petit taxi’s” waren voordeliger dan een grote. Het ritje was maar 3 km lang, maar wel bergopwaarts dus was lopen toch een minder aantrekkelijke optie. Onderweg hadden we een prachtig uitzicht over de haven en aan de andere kant van de berg van Agadir. Eenmaal boven stapten we uit en de taxichauffeurs zouden twintig minuten op ons wachten. Op de parkeerplaats stonden een stuk of tien kamelen. Je kon op ze zitten dan stond het beest op, kon je een foto maken, een rondje lopen en dat was het. De bussen vol toeristen verklaarden meteen waarom ze hier stonden. Wij vonden het toeristische gedoe maar niks en liepen naar het fort. Ik werd nog aangeklampt door een man met sieraden maar de man gaf het binnen vijf seconde al op. Bij de ingang van het fort stond in steen uitgefreesd. Onder andere de Nederlandse tekst ‘vreest God en eert de koning’. De Nederlandse tekst was te danken aan de handel tussen Nederland en Portugal. Vroeger stonden was binnen de muren de hele stad Agadir. Op zich een pokke stadje waar je met een hap lucht doorheen kan lopen. Door een aardbeving op 29 februari 1960 werd de complete stad verwoest, met doden en daklozen als gevolg. Je zag overal stenen liggen van afgebrokkelde huizen. Alleen de muren waren nog heel. Er liepen ongelooflijk veel torretjes over het terrein. Op een stukje pad over de vlakte van nog geen 3 min lopen telde ik er al 52. In de 40 jaar erna had Agadir zich verplaatst van de berg naar het dal. De stad is nu een grote toeristenstad en alles wijst erop. Van de Duitse teksten op winkeltjes tot Duitsprekende Marokkanen tot de prijzen die aan het eind van het seizoen gehalveerd waren. Deze hele foute stad met een bijzondere geschiedenis is nu één groot toeristenoord. We namen de taxi naar de boulevard waar duidelijk zichtbaar was dat dit allemaal nog niet zo oud was. We moesten ineens twee keer zoveel betalen als we hadden afgesproken, maar hadden geen zin in een eeuwenlange discussie. Het strand moest het veiligste strand van Marokko zijn, mede dankzij de lage branding. We dronken wat en haalden een ijsje bij twee tentjes op de boulevard en liepen vervolgens naar het centrum. Daar waren de meeste winkels al dicht vanwege de Ramadan. Miklós kocht nog een leren portemonnee bij een van de nog geopende winkeltjes. Even verderop was een internetcafé. De eigenaar zei dat hij wel binnen tien minuten zou gaan sluiten. Volgens Nico was dit genoeg om even de mail op te halen en de site te uploaden. Toen we naar binnen liepen zag ik dat de man even overlegde met een andere man. Daarna kwam hij ons melden dat hij voor ons nog wel even een half uurtje openbleef. Hij sloot namelijk vroeg vanwege de Ramadan. Miklós en ik wilden ook nog even profiteren van dit halfuurtje en namen ook een computer in gebruik. Ik kon even snel de laatste berichten vanuit Nederland doorkrijgen over MSN en hoorde dat Nederland – Macedonië elk moment kon gaan aftrappen. Na het internetcafé liepen we terug naar de boulevard en werden onderweg telkens geroepen door verkopers. Het ‘mon ami’ en ‘meine Freunden’ vloog ons om de oren. Je maakt hier al heel veel vrienden door alleen een stadswandeling te maken. Op de boulevard liepen we naar een restaurant met Indiaas eten die we vanuit de taxi al hadden gespot. De ober kon ons niets vertellen over de beste Indiase maaltijden en van de traditionele Papadums had hij ook nog nooit gehoord. De kaart viel ook op doordat er ook Pakistaans, Italiaans en Marokkaans gegeten kon worden. Het eten smaakte dan ook niet zo lekker als bij die van Cascais. Het garlic bread was bezaaid met teentjes knoflook en de sauzen veel te pittig. Op de tv speelde Frankrijk tegen Cyprus maar de Franse zender liet niks zien van Nederland – Macedonië. De prijzen waren westers en Nico betaalde ook westers per creditcard. De bediening liet te wensen over en nadat de man Nico’s kaart had teruggegeven zei hij ook nog: ‘Service not included.’ Nico pakte hierop drie Dirham uit z’n portemonnee en legde het neer. We vertrokken om verder gezeur te voorkomen en liepen naar de boot. Op het haventerrein nodigde de havenmeester ons uit voor een kopje mintthee. Nico had nog snel wat boodschappen op de kop getikt en die wilden we eigenlijk eerst even wegzetten. Miklós en Wilma brachten uiteindelijk de spullen weg en ik ging met Nico alvast naar zijn kantoor. Er hingen veel onderscheidingen, foto’s en posters van evenementen. Het was een mooi gezicht. De thee werd ingeschonken en was erg lekker. Hij had er niet de klontjes of poedersuiker ingedaan maar afgebrokkeld suiker, wat de volgens hem de lekkerste smaak gaf. Het was dan ook een beetje zoet maar dat maakte het juist lekker. De tv stond aan en de een Franse serie toonde zich. Het zag er allemaal heel nep uit en kon ons niet boeien. Wilma schonk de man een ansichtkaart van de Zaanse Schans en twee miniatuurklompjes waar de man erg blij mee was. Hij schreef zijn adres voor ons op en na 3 kopjes thee liepen we naar de boot. Op de boot ging ik mijn verslag schrijven nadat Nico en Wilma er even hadden opgezeten en nu begin ik toch echt moe te worden. Morgen blijven we liggen om uit te klaren, boodschappen te doen en waarschijnlijk nog even te internetten. Overmorgen vroeg vertrekken we naar de Canarische eilanden. Grasiosa is onze bestemming, een eilandje vlak boven Lanzarote. Het wordt een tocht van ongeveer twee dagen. De voorspellingen zijn gunstig, dus wordt het waarschijnlijk een rustige tocht. Ciao!

dinsdag 11 oktober 2005
We wilden nog wel zo graag blijven om nog een dag met Florian en Naomi op te trekken, maar Nico en Wilma gooiden roet in het eten. De wind was erg afgezwakt dus konden we wel gaan volgens Nico. Eerst moest er nog water getankt worden. Via de havenmeester wist Nico een man genaamd Mustafa op te trommelen, die een slang had en toegang tot de kranen. Het duurde even voordat hij op kwam dagen en in de tussentijd zaten wij buiten. Ineens zag ik Naomi naar buiten komen en nadat ik zwaaide kwam ze naar onze boot toe. Florian moest aan het huiswerk dus die kon helaas niet komen. Mustafa was inmiddels ook gekomen en Nico kon de lege watertanks vullen en de boot even afspoelen. De verdomde meeuwen hadden de boot onder gescheten. Toen Nico klaar was vertrokken we. We namen afscheid van Naomi en gooiden de touwen los. We zwaaiden terwijl de touwen en stootwillen binnen werden gehaald. Eenmaal buiten twijfelde ik sterk aan Nico’s besluit om uit te varen. De koers was Zuid, de wind Zuidwest en de golven veel te hoog. We moesten uitsteken om om een paar rotsen te varen en wel tegen de golven in. Beukend tegen de 3 á 4 meter hoge golven voeren we uit. Ik ging maar gauw slapen om misselijkheid te voorkomen en werd gelukkig niet gewekt voor een wacht. Eenmaal wakker geworden was alweer een paar uur later en gelukkig een stuk rustiger. De golven waren nu nog maar maximaal een meter hoog en de wind helemaal weg. Miklós en Wilma lagen op de bank te pitten en ik werd gevraagd wacht te lopen zodat Nico ook even kon pitten. Ik zat lekker in het zonnetje en het enige dat er voorbij kwam was een stuk hout. Na anderhalf uur waren Nico en Wilma weer wakker en namen de wacht over. Ik ging binnen op de bank lezen en sliep nog even kort. De nacht viel en het koelde flink af. Om maar weer eens wacht te houden wilde ik me omkleden. Eenmaal in mijn kooi moest ik er meteen weer uit, omdat er blikken soep onder m’n bed vandaan moesten worden gehaald. Wilma zette soep op terwijl ik met Miklós wachtliep. Nico keek zo nu en  dan op de radar en vertelde welke van de vele lichtjes we in de gaten moesten houden. Boven op de berg vlak bij de haven zagen we lichten en Nico zei dat het skipistes moesten zijn. Dichterbij bleek dit echter een enorm verlichtte Arabische tekst, wat waarschijnlijk ‘Welkom in Agadir’ moest voorstellen. Vlakbij de pieren voeren ineens een stuk of tien kleine, verlichte (!) vissersbootjes en nog twee grote. We hoefden gelukkig niet uit te wijken en voeren zonder problemen binnen. De vrij grote haven heeft drie ingangen. De tweede moesten we hebben volgens de computerkaart. De derde ingang betrof een haven die “under construction” is. De pilot vertelde ons echter dat de haven van de tweede ingang “under construction” moest zijn. We voeren er maar op af en desnoods door naar de andere ingang. Dit bleek gelukkig wel de goede haven te zijn waar de havenmeester ons met een knipperende zaklamp op stond te wachten. Hij hielp ons met aanleggen en de eerste uniform meldde zich. Nico pakte de benodigde papieren terwijl de rest binnen ging zitten. Ik startte met het schrijven van verslagen van de afgelopen drie dagen omdat ik daar nog niet aan toe gekomen was. Nico en Wilma gingen even de kant op, omdat er zo laat nog een supermarkt open was en wij wel wat nodig hadden. Ze kwamen terug en er verscheen wat te eten op tafel. Nico en Wilma slapen al, ik volg hun voorbeeld en Miklós gaat nog even computeren. Morgen tijd om het geroemde Agadir te bezoeken. Volgens vele zeilers en locals van andere steden is het hier mooi, dus wij zullen zien. Nu zeg ik welterusten en… Ciao!

maandag 10 oktober 2005
De buren vertelden ons gisteravond op het laatste moment nog even, dat hun plan om de volgende dag om 06:00 weg te gaan, waren gewijzigd. Mijn dank was groot. Lekker uitslapen dus. Miklós en ik zouden om elf uur naar de Belgen toegaan. We gingen opnieuw kaarten, wat erg leuk was omdat zij ons weer nieuwe spellen leerden. Even terug op onze boot wilden Miklós en ik wel internetten en daar hadden Florian en Naomi ook wel zin in . Gelukkig kost het hier weinig dus lekker lang internetten. Mail, MSN, alles weer even bijgewerkt. Na iets minder dan drie uur internet liepen we weer richting de haven. Heel toevallig kwam de moeder van Florian en Noami uit een zijstraat en vergezelde ons op weg naar de boot. Miklós en ik kleedden ons om, om uit eten te gaan en het flink was afgekoeld. Ik had erg trek in pizza en de anderen vonden het ook niet erg om daarnaar te zoeken. Het eerste tentje op de boulevard had een bord staan waar alleen maar pizza’s op stonden. Eenmaal naar binnen gelopen zeiden ze dat ze geen pizza serveerden en ik vervloekte het restaurant. De buurman had ook op z’n bord pizza staan, dus dat leek ons wel wat. Een ober kwam alvast naar ons toe en Naomi vroeg in het Frans of ze pizza hadden. De man zei van wel en we gingen zitten. De man liep naar binnen en kwam weer terug met de mededeling dat ze geen pizza serveerden. Na ook dit restaurant vervloekt te hebben kozen we maar iets anders. Ik bestelde een salade vooraf en een stuk vlees met champignons en crème. Na een paar minuten kwam de kerel ook nog even melden dat ze de salade ook niet hadden. Echt goed voor je humeur die obers. Evengoed redelijk gegeten. Op de rekening was al 20 DH service erbij opgeteld dus lieten we de fooi achterwege. Op de terugweg kwamen we de ouders tegen van ons en Florian en Naomi. Ze gingen met z’n vieren uit eten. Wij gingen verder met kaarten op de boot en na een potje scrabble was het alweer tijd om te slapen. Morgen gaan we waarschijnlijk verder naar Agadir. Dat wordt onze oversteekhaven voor de Canarische Eilanden. Het heeft wel erg hard gewaaid vandaag dus zullen de golven sowieso hoog zijn. De wind zal volgens de voorspelling niet veel voorstellen. Welterusten… Ciao! 

zondag 9 oktober 2005
De dag begon zoals vaker. Eigenlijk niks gepland en een beetje op de boot hangend. Het was erg warm vandaag, de dertig werd gepasseerd. Alleen in de stad, in de schaduw, was het nog goed uit te houden. We gingen de kant op naar een internetcafé. Na wat mailen en MSN gingen we tevreden verder de stad in. Volgens Nico moesten er restaurantjes zijn ergens achter in een steeg of zo. Dus wij liepen door smalle steegjes van een buitenwijk. Het werd er steeds smeriger en steeds meer jonge katjes die meer dood dan levend waren. Het liep uiteindelijk dood en via een ander steegje kwamen we weer terug op de hoofdstraat uit. We waren wel twintig meter opgeschoten, hulde aan Nico. Na nog een stukje lopen kwamen we eindelijk bij een terrasje uit. Een man die Marokkaanse koekjes verkocht kwam langs en we namen er wat mee. Geef mij maar Nederlandse oma’s cake of hoe dat ook mag heten. Na wat jus d’orange liepen we weer richting de haven. Een paar meisje van een jaar of 8/10 stonden tegen elkaar te schreeuwen, toen we aan het einde van de straat waren. Ik zag nog net hoe de een de ander op de grond kwakte, ze aan elkaars haren begonnen te trekken en twee mannen eraan kwamen om ze van elkaar te halen. Miklós en ik hadden inmiddels erg honger en we besloten op de boot wat te gaan eten. Om dit ook mogelijk te maken kochten we een baguette. Ik zag dat ik een mailtje van school had en begon die te beantwoorden. Ineens werd ik geroepen omdat er bezoek was. Het waren twee Belgen van een catamaran die twee rijen voor ons ligt. Ze heten Florian (12) en Naomi (14) en hebben in Italië, Peru en België gewoond. Naomi spreekt Frans, Italiaans, een beetje Spaans, Nederlands, Engels en ook nog een beetje Duits. Florian spreekt er ook een heleboel maar iets minder vloeiend. Ze hadden van de Schorpioen gehoord dat er twee Nederlandse jongens op onze boot zaten en daarop waren zij naar onze boot gegaan. Nico en Wilma hadden al met de Franse buren afgesproken dus hadden we de ruimte. We gingen binnen wat Nederlandse cabaretier luisteren. Het plan om gesplitst uit eten te gaan was al gemaakt. Om het nog gezelliger te maken gingen de Belgen mee uit eten. Na wat rondlopen aten we in een Marokkaans restaurantje. Het eten was goed en het kost geen moer. We hebben elkaar beter leren kennen en hadden veel lol. Ze hebben vijf jaar in Italië gewoond waar Florian verslaafd was geraakt aan het Italiaanse ijs. Toevallig was hier een ijssalon met Italiaans ijs, dus haalden we daar ons dessert. Terug op de boot bleek die van ons op slot te zijn. We gingen bij de Belgen aan boord kaarten, waar we hun ouders ontmoetten. Het was erg gezellig en de tijd vloog snel, tijd om te slapen. Morgen blijven we liggen. Ciao

zaterdag 8 oktober 2005
Om 08:00 op om alvast te ontbijten en 09:00 gingen Miklós en Nico de kant op om de bootpapieren te halen. Dit duurde erg lang en om een uur of tien waren ze pas terug. Het was van belang vroeg te vertrekken (08:00), omdat er niet veel water in de ingang zou staan en het dan lastig zou zijn binnen te varen. De pilot (boek met haveninformatie) vertelde ons ook nog even dat er touwen over ingang werden gespannen als het donker was. Dit vonden wij uiterst vreemd maar gingen toch weg. Toen we eindelijk weg waren was het nog redelijk mistig op de zeer vlakke zee. Met de radar kwamen we er gelukkig uit en wisten tegenliggende bootjes te ontwijken. Ik moest om 11:00 weer wachtlopen met Wilma buiten en in korte tijd hebben we heel wat bootjes moeten ontwijken maar dat was niet erg. Nico was de WC aan het repareren die kuren begon te vertonen. Na lang sleutelen lukte het hem en kwam hij ook buiten zitten. Het was inmiddels erg rustig geworden op het water en we konden rustig lezen. Af en toe even kijken of er wat aankwam was amper nodig. Ik ging achterop in het zonnetje zitten te lezen. Na een uur of twee zo gezeten te hebben kwamen er weer wat vissersbootjes, maar daar hoefden we niet voor uit te wijken. We zwaaien altijd even naar de vissers in de kleine bootjes en ze zwaaien altijd terug. Vorige toch begon er zelfs één met z’n pet heel uitbundig met z’n pet te zwaaien. Om 14:00 maakte ik Miklós wakker omdat het tijd was om van wacht te wisselen.
Ik wilde wel wat bijslapen en toen ik lag sleepte Wilma ineens allemaal eten aan, maar ik vond dat niet de moeite waard om uit me bed te komen. Na lekker drie uur slapen werd ik om 17:00 gewekt om weer uitkijk te houden. Iedereen zat buiten en we aten nog wat pistaches. Vlak voor de haven, nog anderhalf uur te gaan, ging ik even op de computer om m’n stukje van gister af te maken, omdat de computer gisteravond geen stroom meer had en bootaccu’s zo goed als leeg waren. We kwamen aan in de schemering en konden zonder problemen binnenlopen. De havenlichten, normaal rood links en groen rechts (op de pieren), waren net als de andere havens in Marokko gewoon wit, dus daar heb je niks aan. Het leverde dus geen problemen op en we zochten een plek om aan te leggen. Voor we lagen zagen we al dat onze Franse buren van El Jadida ook hier lagen. Ze begroetten ons en daarna werden we ook begroet door de Schorpioen die een paar rijen verderop lagen. We besloten in de rij van de Fransen aan te leggen. Er lag nog wel een Zwitsers schip naast de Fransen met een lengte van ongeveer 52 voet (16m), met twee mannen, twee vrouwen, drie kinderen, drie honden en drie katten aan boord. Het enorme schip bleek later van een prins van Marokko te zijn. De Schorpioen (ongeveer 10m) lag eerst naast de Fransen (38 voet (11,5m)), maar toen de prins eraan kwam met z’n 52 voeter, moesten zij ergens anders gaan liggen. De prins kon namelijk niet verder de haven in vanwege zijn diepgang. De prins zei in eerste instantie dat we maar ergens anders moesten gaan liggen, maar daarna mochten we alsnog naast hem. We hingen drie stootwillen langs de boot (2 is genoeg) en alsnog begon koninklijke hoogheid te zeuren over de hoeveelheid stootwillen. We trokken ons er niets van aan en legden aan. De achterlijn werd door hemzelf aangepakt, maar van de drie mensen die nog in de kuip zaten, kwam niemand van z’n plek om de voorlijn aan te pakken. Gelukkig kwam de Franse buurman kwam wel even aangelopen om ons te helpen. De boot had aan de voorkant al drie bolders wat mij erg overbodig leek. We gingen al snel de kant op. Miklós en ik stonden al op de kant en Nico en Wilma gingen even bij de Schorpioen langs. Wij werden ineens aangesproken en zagen dat het Maria van de Franse buren was. Nadat we bij de Gendarmerie langs waren geweest, moesten we eigenlijk nog langs de politie om toestemming te krijgen om de stad in te gaan. Het haventerrein konden we zonder pasjes of papiertjes af. Toch zochten we nog even naar de politie. We vonden een beetje in de stad een politiekantoor, maar daar vroegen ze zich af wat we kwamen doen. Dit was blijkbaar alleen een gevangenis. De politie waar we moesten zijn bleek een heel stuk verderop. Ze adviseerden ons een taxi. We hadden hier geen zin in en besloten dan maar gewoon wat te gaan eten. We kwamen langs allerlei restaurantjes, van duur tot minder duur maar wel heel mooi ingericht. Wat meer in de stad kwamen we uit op twee Marokkaanse restaurantjes met lage tafeltjes en stoeltjes. Het restaurantje waar we uiteindelijk aten werd gerund door een vrouw en blijkbaar een kok. Het was er erg klein maar wel redelijk ingericht. De vrouw had een baby waar oma vervolgens mee liep te zuilen. Het baby’tje begon te zwaaien en wij zwaaiden terug. Tegen over ons zaten een paar studenten die later Russen bleken te zijn. Toen Wilma een foto wilde maken kwam een van de studenten overeind en maakte van ons een paar foto’s. We aten er redelijk en ook voor een redelijke prijs. Met een volle maag liepen we nog even over de markt. Overal zaten mensen tv te kijken. Er bleek een wedstrijd van het Marokkaanse elftal aan de gang te zijn en toen deze afgelopen was hoorde je veel mensen juichend door de straten rennen. Er was ook een halletje waar ongeveer dertig tot vijftig mensen naar de wedstrijd zaten te kijken. De stad was al een stuk toeristiser gericht. De boulevard was mooi aangelegd en de niet westerse praktijken zag je hier ook niet. De kippenslagers hadden bijvoorbeeld de kippen al geslacht, dus werden ze niet voor het oog van iedereen naar de andere wereld geholpen. In plaats van een drukke medina waren hier al meer winkels. Na nog wat straatjes door te zijn gelopen liepen we weer richting de boot. Op de boot keken we wat foto’s van de afgelopen dagen. Ik ging daarna mijn verslag typen en nu is het tijd om te slapen. Morgen tijd om de stad bij daglicht te verkennen. Ciao!

vrijdag 7 oktober 2005
Een dag waarop niks gepland stond, dus heerlijk uitslapen. Geen formaliteiten die de weg kwijt waren of nieuwe buren, gewoon lekker uitslapen. De ochtend vulde zich een beetje met kaarten, buiten zitten, wat ook wel eens lekker is. Nico en Wilma gingen vis halen voor vanavond, terwijl Miklós en ik gingen kaarten. Toen ze terug waren werd er besloten de kant op te gaan. Nico en Wilma wilden graag nog even bij de pottenbakkerijen kijken en wij gingen mee, ook al was het maar om wat te doen te hebben. We liepen nog even over de viskade, waar niet veel te beleven viel en waar we weer snel vandaan waren. Onderweg vroegen we aan een paar mensen de weg. Bij de derde besloot deze man gelijk maar even dat hij gids was, maar wij hadden dat direct door en zeiden dat we hem niet nodig hadden. We liepen over door een oud Portugees fort, net als in El Jadida. Hier had het al meer weg van een wijk binnen de muren dan een fort. Boven ons hingen om de zoveel meter een soort boogpoortjes en hier en daar kwamen uit de kleinste steegjes, gaten en deuren mensen. Deze leiden voor zover wij konden zien naar een plein, waar meer huizen aan grenzen. Het was er erg speciaal met hier en daar een klein winkeltje. Na een tijdje lopen kwamen we op een stuk uit waar weer echte winkels waren, midden in het fortenwijkje. Daarna liepen we al snel weer buiten de stadsmuren en liepen een terras op om wat te drinken. De toegang was een mooi versierde poort en binnen de muren was het net zo mooi. Hele sfeervolle lage tafeltjes, stoeltjes en banken, veel planten en een paar bomen(onder andere sinaasappelbomen en een palmboom). Er was ook een kunstgedeelte waar allerlei beschilderd aardewerk stond, wat er erg mooi uitzag. De eigenaar bracht ons zelf de drankjes en twee ventjes met een steekje los liepen een beetje heen en weer over het terras en zeiden af en toe wat. Door de open poort zagen we dat een oudere man viel. Doordat een fiets rakelings langs hem schoot schrok hij en viel. Hij werd gelijk door omstanders geholpen en veel mensen kwamen kijken wat er aan de hand was. Veel mensen die later aan kwamen lopen gaven de Ramadan de schuld en dachten dat de man uit zwakte was gevallen. Het was goed om te zien dat iedereen direct toesnelde, toen de man viel. We waren natuurlijk gekomen voor de pottenbakkerijen en vroeger de eigenaar waar het was. Hij had er zelf ook een. Hij bood aan ons daar heen te brengen en te laten zien hoe het eraan toeging. Na een minuut of vijf lopen kwamen we daar aan, waar hij een jongen riep en aan het werk zette. In no-time maakte hij een schaal en een asbak met een draaischijf. De rest van de werkplaats was gevuld met gemaakte schalen en potten en bergen klei waarvan het gemaakt was. Hij nam ons weer mee terug naar het restaurant. Onderweg werd ik aangesproken door een man, die vroeg waar we vandaan kwamen. Hij liep maar mee zonder iets te zeggen en ik wist gelijk dat hij iets van ons moest. Dat bleek ook toen we weer bij de poort van het restaurant waren. Toen Nico en Wilma al binnen waren bood hij Miklós wiet/hasjiesj voor 5 dirham (€0,50). Jammer voor hem, maar niet iedere Nederlandse jongere rookt wiet, zoals velen hier denken. We werden vervolgens door de eigenaar in het gebouw dat bij het terras hoorde binnengelaten en daar bleek nog van alles aan kunst te staan. Van vazen, schaaltjes en borden tot djembees (Afrikaanse trommels) en bongo’s (kleine trommels). Achterin het gebouw achter een speciale deur, had de man nog een speciale collectie. Hier stond ik weet niet voor hoeveel geld aan vazen. De meeste waren iets kleiner dan wij en sommigen zelfs groter of twee keer zo groot. Wat de vazen nou zo bijzonder maakten is dat ze allemaal ingelegd waren met puur goud. Allemaal hadden ze sowieso gouden randen, maar de versiersels bestonden ook uit goud met nog een beetje aardewerk. De meeste vazen bestonden zo al snel 80% uit goud. Dit was voor opdrachtgevers om te kijken wat deze man allemaal kon en op basis daarvan een vaas naar wens laten maken. De man had vazen met de wapens van verschillende koningen erop, die ongelooflijk veel waard moesten zijn. Hij zei dat hij ze niet verkocht maar dat de waarde van een wat kleinere vaas zo’n €6000,- moest bedragen. We zagen ook nog kleinere vazen in de vorm van schenkkannen, die gebruikt konden worden om water of drank in te doen. De bekertjes (aardewerk) eromheen waren ook prachtig beschilderd met van alles. Ook deze kannen en glaasjes waren bewerkt met gouden randen. Deze verkocht hij wel en we kochten een set en betaalden 1000 DH (€100,-). Toen dit werd ingepakt gaf de eigenaar met een djembé een showtje en later ook samen met z’n lichtelijk gestoorde vrienden. Ze dansten, zongen en speelden af en toe ook op een djembé mee. Het was erg grappig om te zien en ik mocht ook met hem meespelen. Terwijl ik met de eigenaar speelde op djembees dansten de twee ventjes in het rond, terwijl Nico filmde, Miklós foto’s maakte en Wilma toekeek. Na deze show waren de vaas en de glaasjes ingepakt. De djembé waar ik op speelde mochten we voor 450 DH (€45,-) kopen. Dat vonden we toch een beetje duur. Hij bood toch nog 300 DH (€30) en toen namen we ook die mee. De djembé is een kleine versie met aardewerk als onderkant en een schapenhuid als vel. Het zwarte Berbermotief met donkergroene achtergrond maakte hem erg mooi. Een van de ventjes zei toen we in de winkel waren ‘kijken, kijken, niet kopen.’ Dit ene zinnetje kennen ze overal ter wereld. Hiermee bedoelen ze dat Nederlanders vooral kijken en niet kopen. Toen we de winkel uit liepen, liep het ventje even mee tot de uitgang. We hadden toch voor 1300 DH (€130,-) in onze handen en Wilma zei daarom tegen het ventje: ‘Never say again ‘kijken, kijken, niet kopen!’’ Het ventje moest erom lachen en bij de uitgang pakte hij een platte schaal, zette die op z’n hoofd en deed een Chinees na, echt heel lachwekkend. We namen afscheid en liepen met de spullen naar de boot. In de boot gingen Miklós en ik een potje kaarten en Nico en Wilma nodigden de Franse buurman uit voor een borrel. Ze begonnen in het Frans, maar toen bleek dat de man een vrouw in Ierland had (hij zeilt alleen) en er negen jaar had gewoond gingen ze over op het Engels. Na een uurtje ging de Fransman terug naar z’n boot en wij gingen eten. Toen we gegeten hadden zaten Miklós, Wilma en ik wat te drinken en probeerde Nico alvast de bootpapieren te bemachtigen en te betalen. Dit lukte niet omdat er niemand meer op de administratie was. Nico zei dat om 22:00 er wel iemand zou zijn, toegezegd door een uniform. Nico had er geen zin meer in en ging slapen. Ik stelde voor dat Miklós en ik het om 22:00 het nog een keer zouden proberen. We klommen via de vissersboot op de hoge kant, omdat het inmiddels laag water was. Onze handen waren helemaal smerig van een paar banden waar we op moesten klimmen om op de kant te komen. Na wat afvegen aan de straat liepen we naar het gebouwtje. Daar was de deur op slot. Een man die daar de boel in de gaten hield, zag ons proberen naar binnen te komen en hielp ons. Hij zei wat door een intercom en zei dat er iemand aankwam. De man die naar beneden kwam vertelde ons dat het werk allang was neergelegd en dat we morgen om 09:00 pas de papieren konden ophalen. We wilden 08:00 weg en probeerden of we via hem konden betalen, maar dat ging niet. Nico was daarom ook al behoorlijk geïrriteerd geraakt omdat we dan op z’n vroegst 09:00 zouden vertrekken. Toen we wegliepen sprak de man ons nog aan en wilde weten of we studenten waren. We raakten in gesprek en hij bleek tot z’n 30e gevoetbald te hebben en nu gestopt was en aan lange afstanden lopen deed (marathons). Hij zei dat je nooit te oud was voor hardlopen, maar wel voor voetbal. Tijdens het gesprek liep ik nog even naar de man die ons binnen had gelaten en gaf hem wat sigaretten. We liepen daarna weer teug naar de boot en toen was het alweer tijd om te slapen. Ciao!

donderdag 6 oktober 2005
Lekker uitslapen van een lange tocht. Om een uur of elf was ik wel wakker en ging op de bank zitten. Wilma was aan het computeren, Nico was brood halen en Miklós sliep nog. Toen Nico terug was met brood ontbeten we. Er was vanochtend om 07:00 een Fransman naast ons komen liggen en ook hij werd geconfronteerd met de diensten. Dankzij de goede communicatie tussen de mensen daar kregen wij nog een keer de immigratiedienst aan boord. Ik zei tegen Wilma dat we ze al gehad hadden. Wilma liet hem (dit keer wel alleen) toch binnen om niet bot over te komen en na een kort gesprek verontschuldigde hij zich en zei dat hij hier dus verder niks te zoeken had. Hij moest duidelijk bij de Fransman zijn, maar dat was dus niet goed doorgegeven. We maakten ons klaar om de stad in te gaan. We liepen de stad in en kwamen al snel tot de conclusie dat deze stad niet veel verschilde van de anderen. Opnieuw de gebruikelijke medina’s, bedelaars, petit taxi’s enzovoort. Het enige verschil was dat hier meer winkels waren in het deel waar wij doorheen liepen. Na wat drinken gingen we kijken of het mogelijk was om morgen naar Marrakech (je spreekt het uit als Marrakesj) te gaan. Vanwege de Ramadan reden er een stuk minder treinen (één om 07:30) en was het niet mogelijk dezelfde dag terug te keren. De bussen reden ook niet volgens het normale schema ,dus werd het erg lastig om er met het openbaar vervoer te komen. Een auto huren neemt teveel risico’s met zich mee. Alles wat er gebeurd is jouw schuld en je kan al snel in de gevangenis belanden. We haalden ergens een amandelbroodje en twee jongens op een brommertje schreeuwden al ‘PAS DE MANGER!’ Wij hadden erg honger en doen niet aan de Ramadan, dus we aten het meteen maar even op , zodat we er niet mee over straat hoefden. We liepen alweer richting de haven. De school was blijkbaar net uit. De hele straat werd gevuld met schoolkinderen van jong tot de iets oudere. We werden door iedereen bewonderd alsof ze nog nooit blanke mensen hadden gezien. Ondanks het amandelbroodje hadden we nog wel honger en besloten wat dichterbij de haven wat te gaan eten en drinken. We bestelden slechts wat salade en vier borden vlees. We kregen er nog van alles bij. Vruchten met een laagje suiker of zoiets, met olijven en een gesneden sinaasappel. De salade was ook al een heel bord per persoon en samen met het drinken stond op een gegeven moment de hele tafel vol. We aten in een zijstraatje maar toch zat iedereen die langsliep ons aan te kijken. Ik vond dat de mensen (vooral jongeren) op een heel irritante manier schreeuwden, dat we niet hoorden te eten. Sorry, maar wij hebben geen Ramadan dus respecteren ze maar lekker dat wij wel gewoon eten, net als wij respecteren dat zij dat niet doen. Nico en Wilma wilden nog even bij de pottenbakkerij kijken en Miklós en ik naar de boot dus splitsten we ons op. Op het haventerrein kwamen we een vrouwtje dat alles voor je kan regelen tegen betaling, waarover de havenmeester al verteld had. Ze wilde haar telefoonnummer opschrijven maar kon geen pen vinden. Ik zei dat de havenmeester vast wel haar nummer had en dat als we haar nodig hadden we haar wel via de havenmeester zouden kunnen bereiken. Ze nam hier genoegen mee en we liepen verder naar de boot. Miklós wilden nog even een foto van de boot maken, terwijl ik alvast via de grote visserboot en een klein zeilbootje naar onze boot klom. Op de boot ging ik verder met het verslag schrijven waar ik in de ochtend al mee was begonnen, omdat ik al twee dagen achter liep. Miklós en Wilma lezen wat terwijl ik dit typ en Nico die is bij onze Franse buren die even verderop liggen en vanochtend zijn aangekomen (zijn dus toch even later dan wij vertrokken uit El Jadida). Zometeen gaan we eten, drinken en dan lekker slapen. Morgen wilden we dus naar Marakech, maar besloten daar vanaf te zien omdat het zo moeilijk was om er te komen, met het risico niet dezelfde dag terug te kunnen. We zien wel wat we morgen doen. Ciao! 

woensdag 5 oktober 2005
Om 05:00 werd ik braaf gewekt door Nico… Vervolgens kwam hij tien seconde later tot de conclusie dat het eigenlijk toch te mistig was en ik kon weer gaan slapen (dan kan je iemand wel schieten). Daarna ontstond er een korte discussie en dacht ik dat Nico me weer riep dus ik weer naar buiten en nadat ik vroeg of we nou weggingen kon ik direct weer me bed in (schiet, schiet). Uiteindelijk werd ik weer om 11 uur gewekt. We ontbeten en maakten ons klaar om te vertrekken. De buren gaven geen kick dus dachten we dat ze sliepen. Toen we vlakbij de pieren waren hoorde ik iemand fluiten en keek even snel, maar schonk er geen aandacht aan. De man bleef maar fluiten en ik keek nog een keer en constateerde dat het onze buren waren, die al vroeg op pad waren om waarschijnlijk in de middag alsnog te vertrekken. De zee was rustig en het waaide redelijk waardoor we goed konden zeilen. We liepen bovengemiddeld snel. Omdat het een lange toch zou worden (we zouden de volgende ochtend ergens aankomen) wilden Nico en Wilma niet de hele dag wachtlopen. Ik stelde voor een schemaatje te maken zodat zij ook konden rusten en zo hield iedereen wacht. Dit vonden Nico en Wilma toch beter. We hadden erg snel gevaren ondanks dat de wind wegviel en de motor bijgezet moest worden en zouden rond middernacht al aankomen. Vlakbij de haven werd iedereen buiten geroepen en voeren we de haven binnen. Het begin oogde een beetje hetzelfde als Casablanca, met de grote industrieschepen en terrein. Even verderop was een kade waar zeiljachten konden liggen en tot onze opluchting lagen er meer zeilboten waar we zo tegenaan konden liggen. Natuurlijk kwamen de formaliteiten ook om middernacht nog even aan boord. De immigratiedienst wilde naar buiten lopen, toen de douane alweer aan boor stapte. De man van de immigratiedienst zei in het Frans tegen de douanier dat ze alle informatie al hadden en dat de douane dat in het kantoor kon overnemen. Toch wilde de douaneman zelf alles nog een keer opschrijven. Ik dacht dat hij dat alleen deed zodat ie nog wat sigaretten of drank kon bietsen. Normaal komen de diensten altijd alleen, maar dit keer stond er een tweede man bij die niets deed of zei en volgens mij alleen maar mee was om ook wat te bietsen. We hadden hier geen moeite mee, maar het stond wel een beetje raar. We konden eindelijk slapen en hoopten dat de buren niet wakker waren geworden van al het lawaai. Morgen blijven we liggen om uit te rusten en de stad te bezoeken. Ciao!

dinsdag 4 oktober 2005
Vandaag eindelijk tijd om de stad te bezoeken. Maar voor we de kant opgingen werd er nog wat aan de boot gewerkt. Nico was bezig met wat reflecterende stickers, er werd wat opgeruimd door Wilma en mij en Miklós zette koffie. De koffie viel om omdat die niet goed in de gootsteen stond. Het prut vloog over het aanrecht en tja… toen moest het opgeruimd worden. Wilma hielp Miklós daarbij en ik hielp Nico buiten. Uiteindelijk gingen we de kant op naar het Portugese fort. Toen we binnenkwamen waren er tal van winkeltjes en steegjes die een mooie foto opleverden. Na wat verder te zijn gelopen kwamen we aan de kant van het fort waar de haven en de zee aan grensden. Onderaan de grote muur van ongeveer 10 meter hoog zat een doorgeroest hek, waar kinderen aan het zwemmen waren in het vieze water. We zagen ze naar boven rennen en toen wij ook naar boven liepen zagen we dat ze van de immens hoge muur afsprongen. We hadden vanaf de muur een prachtig uitzicht over de stad binnen de muren. We liepen zover als mogelijk was en ergens aan de kant van de stad hadden we een prachtig uitzicht over El Jadida. We liepen weer naar beneden het stadje in. We zagen een klein jong zwart katje dat hoog miauwde en omgeven werd door vliegen. Hij zag er lief en uitgehongerd uit, maar aanraken was er niet bij. We liepen weer naar de ingang bij de winkeltjes waar inmiddels een rondleiding door het ondergrondse klooster gevolgd kon worden. De man vertelde in het Frans over het klooster. Destijds moest er twee en een half meter water gestaan hebben en werd het water door de Portugezen gebruikt om te wassen drinken etc. De functie was niet super boeiend maar de ruimte was wel ontzettend mooi. Door een rond gat in het dak kwam een bundel zonlicht naar binnen, wat een prachtig effect gaf. De pilaren en de vormen van het geheel maakte deze ruimte erg bijzonder. Weer buiten kochten we het een en ander bij een winkeltje en wilden wel weer wat in de stad gaan drinken. Toen we vlakbij de uitgang waren riep een verkoper ineens iets in het Nederlands. Het bleek dat hij Duits studeerde en ook een paar Nederlandse woorden kende. Op een gegeven moment stonden we Duits te praten op een Marokkaanse markt, het gaf een raar gevoel. We raakte in gesprek en hij legde ons uit over verschillen in begroeten, nadat Wilma ernaar gevraagd had. Hij had een boekje over begroeten over de hele wereld dus kon hij ons er veel over vertellen. Hier geven ze een hand en kijken ze elkaar in de ogen en daarna brengen ze hun hand naar hun hart. Hierdoor laat je zien dat je elkaar respecteert. In Europa geven wij elkaar vaak een hand maar staren ondertussen al naar wat er elders in de straat gebeurd. Het belang van een hand geven is bij ons een beetje weggeëbd. Het verklaarde ook waarom moslims een vrouw geen hand geven. Als zij een vrouw geen hand geven hoeven ze haar ook niet in de ogen te kijken en kunnen ze zich ook geen ideeën vormen of ze de vrouw eventueel leuk vinden. Zoals wij iedereen nastaren die er heel aardig uitziet of knap is, is hier dus not-done. Daarom geven ze vrouwen geen hand, zodat ze zich ook niet druk over hoeven maken dat ze wel eens verliefd op die persoon zouden kunnen worden. Hij vroeg ons even een kijkje te nemen in z’n winkel. We keken een beetje rond en na een tijdje haalde hij een kaftan te voorschijn. Dit lijkt op een soort poncho met mouwen. Miklós werd ineens compleet gehuld in het kledingstuk en kreeg ook een tulband op z’n hoofd. Beide hadden een lichtblauwe kleur met versiersels erop van een lichtbruine kleur. Het zag er erg leuk uit en daarna moest ik er ook aan geloven. Ik kreeg wel een echte poncho en tulband van een donkerblauwe kleur en dezelfde lichtbruine kleur versiersels. Het zag er allemaal erg grappig uit. We vonden dit toch wel erg leuk om als aandenken aan de reis te hebben en nadat Wilma een feloranje “jurk” had gepast werd alles bij elkaar opgeteld. Plus nog wat kleinere dingetjes (schaaltje e.d.) kwam het op iets meer dan 1000 DH (€100,-) uit. Toen de deal gesloten was bood hij ons eerst thee aan. We hadden wel dorst, dus namen het aanbod aan. Hij zei dat ze tegenwoordig heel snel met machines de traditionele mintthee kan worden gemaakt, maar hij zette het nog op traditionele wijze. Terwijl hij het maakte vertelde hij ons van alles over Marokko. Hij vertelde ons over het geloof en de dingen die moeten en optioneel zijn die erbij horen. Erin geloven is bijvoorbeeld iets wat natuurlijk moet, maar geld geven aan armen doe je alleen als je kan. Bidden hoeft niet persé maar is wel erg belangrijk. Zelfs zieken kunnen bidden zei hij. Zelfs alleen met je ogen of met je stem kan je bidden, dus iedereen kan bidden. Hij vertelde ook dat vrouwen zelf ervoor kiezen om een hoofddoek of burka te dragen en hoeven het dus niet te dragen als ze dat niet willen. Het argument dat hoofddoek gedragen móét worden is dus onzin. Na een lekker kopje mintthee betaalden we en liepen we de stad weer in. Miklós en ik wilden wel graag even internetten en Nico en Wilma naar de boot dus splitsten we ons op. Het kost hier €0,60 per uur dus konden we hier makkelijk een tijdje internetten. Op MSN kon ik met gewoon qwerty typen, hoewel het toetsenbord een azerty was, heel raar maar wel handig. Zo kon ik heel wat mensen even spreken en zo ook mail wegwerken. We hadden met Nico en Wilma om 19:00 op de boot afgesproken, maar dit bleek toch een beetje krap te zijn en half acht verlieten we het café. We dachten dat ze wel op ons zaten te wachten, maar toen we ze zagen borrelen met onze Franse buren wisten we dat het niet zoveel uitmaakte. We praatten nog wat met ze (spraken heel goed Engels) en daarna gingen zij weg en wij wat eten. Nico en Wilma wilden nog de site uploaden en gewoon even internetten dus gingen ze de kant op. Ik wilde ook nog wel even internetten en ging mee. Bij het eerste hek troffen we een Duits paar waarmee we even hebben staan praten. We liepen nog even snel over de markt om wat brood en dergelijke te halen en liepen naar het internetcafé. Iedereen was natuurlijk al offline op MSN (het was 23:00 hier dus 01:00 in NL), maar ik kon nog wel wat mailen. Terug op de boot gingen we snel slapen, omdat we om 05:00 al willen vertrekken naar Safi. Ciao!

afbeelding:

het waterreservoir wat ooit tot de Portugezen toebehoorde

maandag 3 oktober 2005
Zwaar weer? Nou nee! Het was hardstikker rustig weer, sterker nog, bijna te weinig om te zeilen. De papieren werden door iemand gebracht zodat we zouden kunnen vertrekken. Bij het uitreiken van de paspoorten keek hij of hij wel de goede gaf. Miklós lag nog te pitten, maar toch moest de man zien of hij het was. Nico gooide de deur van z’n kooi open en een halfwakkere Miklós wist niet wat hem overkwam. Toen de man weer van boord was werden de trossen los gegooid en voeren we uit. De bestemming betrof El Jadida. Het was een beetje mistig, maar we konden genoeg zien om te varen. Ik dook weer m’n bed in, om wat slaap in te halen en dan gaat de tijd wat sneller. Na nog wat buiten zitten viel de avond en naderden we El Jadida. Pogingen om de havenmeester op te roepen mislukten en we voeren naar binnen waar hij al op de kant stond. De haven moest volgens de kaart 6 meter diep zijn, maar onze dieptemeter haalde daar vier meter vanaf. We legden aan naast een 38 voet (11,5m) lange catamaran. Het water zou nog minstens 30 cm en max. 50 cm zakken, maar aangezien de bodem van modder is, moet dat geen probleem zijn. Nadat de havenmeester langs was geweest en we wat hadden gegeten, gingen we de kant op. Iedereen liep gewoon in en uit de havenpoort, maar wij moesten ons laten registreren, net als onze Franse buren. De stad oogde behoorlijk westers. Veel lichtreclame, veel trainingspakken en vrijetijdskleding. Het lijkt hier af en toe wel alsof de Marokkanen in Marokko meer verwesterd zijn, dan de Marokkanen in Nederland. De Ramadan begon vandaag, dus was het ’s avonds erg druk op straat. Winkels waren laat open en cafés konden eindelijk hun deuren openen nu de zon onder was. Er is hier en oud Portugees fort. Doordat de moslims van de wet geen niet-moslim gebouwen meer mogen slopen, is dit fort bewaard gebleven. We dronken op een terras wat verse jus d’orange. De kakkerlakken liepen over het terras, het blijven smerige beesten. Er kwamen nog twee kinderen bij onze tafel om te bedelen, maar geld geven aan kinderen spoort ze aan te spijbelen dus wordt aangeraden ze niks te geven. Tijdens de Ramadan is het gebruikelijk bedelende mensen op z’n minst een beetje geld te geven, ook al is dit maar een Dirham (€0,10). De kinderen werd vooralsnog niks gegeven en zelfs een vrouw die haar kindje en blinde man aan de hand over het terras leidde, kreeg niet altijd iets. We liepen terug naar de boot en konden wel gemakkelijk de havenpoort binnenkomen. Ik zag even verderop op de kade een kat in sluiphouding liggen en zag dat hij op een kakkerlak aan het jagen was. Met een pijlsnelle beweging legde hij z’n klauw over de kakkerlak, maar liet hem daarna weer gaan, om hem vervolgens weer te vangen. De kat was denk ik alleen aan het spelen, omdat ze denk ik geen kakkerlakken eten. We zagen ineens veel meer kakkerlakken over de kade lopen. We liepen snel naar de boot. Op de boot gingen Nico en Wilma al snel naar bed. Miklós en ik drinken nog wat Sangria en eten wat nootjes, terwijl we onze stukjes typen. Zometeen maar naar bed en morgen hebben we de hele dag om de stad te bezichtigen. Ciao!

zondag 2 oktober 2005
Een dag om later nog eens op terug te kijken! Na lekker uitslapen een heerlijk ontbijtje. Eerst zaten we wat op de boot, Wilma computer, Nico en Miklós lezen en ik zat gewoon op de bank. Miklós zat te wachten op de computer om een mailtje te lezen. Nadat dat gebeurd was, was het tijd om te recreëren en hoe… We liepen door de havenpoort, waar de wachter ons een beetje wantrouwend aankeek, maar ons wel doorliet. Na nog wat lopen in het warme zonnetje kwamen we op de havenclub. Dit was de groene tuin waar we gister al even hadden gekeken. Na de spullen neergelegd te hebben namen we een duik in het glasheldere zoetwater(!) zwembad van ongeveer 30 bij 20 en 2 meter diep. Het water was heerlijk verwarmd door de zon en het genieten kon beginnen. Het zwembad werd omringd door zonnestoelen en meters hoge palmbomen. De rest van de tuin bestond uit gras en ook hele hogen palmen. Er was ook nog een douche in de vorm van een klein tempelachtig iets. Na een paar uur zwemmen, kwamen Nico en Wilma even een kijkje nemen en aten we wat in het restaurant dat erbij hoorde. Na wat zonnen en foto’s maken gingen Nico en Wilma de stad in en wij namen weer een duik. Toen ik even naar de WC ging, lagen daar vlakbij in de struiken allemaal kleine katjes echt heel lief. Dit alles was echt ‘real life’, gewoon genieten en dat midden in het arme Marokko. Het opvallende was dat hier vooral blanke rijke Fransen kwamen. De kinderen kregen zeilles terwijl moeder lag te zonnen en pa een duik nam in het zwembad. We hebben daar zo’n 5 uur doorgebracht en kwamen helemaal tot rust. Terug op de boot lazen we wat en kaartten we wat. We werden nog even gestoord door de havenmeester, die waarschuwde voor zwaar weer vannacht. De Amerikanen die naast ons lagen moesten ook in een aparte box, omdat we met twee tien tonners aan een gammel steigertje lagen. Nico en Wilma kwamen weer binnen met pizza, dus dat was ook helemaal goed. Ze hadden al even bij de havenmeester afgerekend, omdat we morgen verdergaan tenzij het weer roet in het eten gooit (er is zwaar weer op komst). Hij vond dat hij wel recht had op 100 Dirham (€10,-) fooi, hoewel hij niet eens naar buiten kwam om ons aan te pakken, toen we aankwamen. Alle andere boten worden namelijk wel door hem en ook nog wel eens met nog iemand aangepakt en aangelegd. Nico en Wilma gaven hem 40 Dirham om maar van het gezeur af te zijn. Nu zitten we aan de bacardi-cola en thee, om even bij te komen van deze “vermoeiende” dag. Morgen dus misschien verder, misschien niet. Ciao! 

zaterdag 1 oktober 2005
Het was heerlijk om in een rustige haven te slapen. Geen uniformen die om 08:00 al op het dek staan en geen lawaai van een industriehaven. We stonden vrij vroeg op, om 9:00 werd ik gewekt. We aten pas om een uur of half 12, dus baalde ik wel dat we al zo vroeg gewekt waren. Na het ontbijt duurde het ook nog even voor we de stad ingingen. Eindelijk weg van de boot zagen we in het water een zeeslak. Het lijkt op een vis met een zorro-cape om, echt heel apart en pikzwart. Daarnaast klom een enorme krab tegen de kade op. Het was wel even bijzonder om te zien. We liepen via de havenpoort richting de stad. Bij het zwembad dat bij de havenclub hoort hebben we even gekeken en vormde een groot contrast met wat we tot nu toe hebben meegemaakt in Marokko. Een groene tuin met hoge palmen en een zwembad met glashelder water en zonnestoelen eromheen, echt luxe. We kwamen nog een vismarktje tegen, maar dat was niet erg boeiend, dus waren we snel weer weg. Na nog wat lopen kwamen we op een boulevard. Het strand zag er mooi uit, maar het was er opvallend rustig. Het was nog een kilometertje lopen naar het stadje, daarom doken we halverwege een strandtentje in om wat te drinken. Na jus d’orange die ze in eerste instantie niet hadden, cola en koffie liepen we verder. We kwamen langs wat bars en restaurants en daarna liepen we door een rijker gedeelte van de stad. Hier stonden enorme kasten met ook wel een stukje tuin erom. We kwamen in het stadje en na wat over de markt gelopen te hebben, vonden we een internetcafé. We konden de site uploaden en weer even wat mail beantwoorden. Ondanks het azerty- toetsenbord hebben we daar toch ruim anderhalf uur gezeten. Het kostte ook geen moer. 5 Dirham voor een uur, dat is gedeeld door tien €0,50. Uiteindelijk betaalden we maar 29 Dirham (€2,90) voor anderhalf uur internet op vier computers. Dit was ook wel te danken aan het feit dat het hier geen toeristenoord was, maar dat het internet hier betaalbaar moet zijn voor de bevolking. We hadden inmiddels wel honger en haalden een groot stokbrood met kaas voor nop. We wilden ook nog wel even echt wat eten en dat geschiedde bij de restaurantjes op de boulevard. Miklós, Nico en ik gingen aan de pizza en Wilma werkte een ijscoup naar binnen. We liepen weer naar de boot over de boulevard. Toen de boulevard overging op normale weg zagen we een kraampje met een bejaarde man erachter en kochten we bij hem heerlijke pinda’s. De blijdschap van de man was prachtig om te zien. Gewoon blij met zoiets kleins. We liepen daarna langs het kleine vismarktje, waar nu ineens twee zwaardvissen uitgestald lagen. Die beesten zijn eigenlijk te mooi om op te eten. We liepen naar de havenpoort waar we zo door konden lopen, omdat de man van de migratiedienst ons herkende en naar de bewaker seinde dat het goed was. Op de boot werd nog wat naar de mail gekeken en toen kregen we wel weer honger. We gingen eten in een restaurantje vlakbij die van gister, maar die ons vandaag pas was opgevallen. Het eten was er goed maar de bediening, bestaand uit 6 obers, schonk te weinig aandacht aan ons en het duurde allemaal te lang. In dit restaurant kwamen vooral blanke Fransen die kind aan huis waren en ook waarschijnlijk in die enorme kasten wonen. De eigenaar begroette een groep mensen ook persoonlijk en er werden drie obers op de tafel gezet. Het is dat we allemaal goedgehumeurd waren en een leuk gesprek hadden, maar anders dan was er genoeg reden geweest om te klagen. We liepen naar de boot en na dit stukje getypt te hebben en mijn bacardi-cola te hebben opgedronken wordt het toch wel weer tijd om te gaan pitten. Morgen blijven we hier liggen om nog een beetje te recreëren en misschien wel even in het zwembad van de club te zwemmen. Ciao!

vrijdag 30 september 2005
Na een dag kennis maken met een totaal andere wereld was het goed rusten. We waren overdonderd door alle nieuwe dingen en verrassingen die allemaal vlak achter elkaar opdoken. We sliepen ook rustig uit tot een uur of elf en gingen rustig aan het ontbijt. Nico had met de mannen geregeld dat ze ons schip zouden bewaken en als dat goed uitgevoerd werd ze er wat voor kregen. We gingen om een uur of half 12 van de boot af. We werden opnieuw geholpen door de mannen van het plateau met het op de kant klimmen. We liepen het haventerrein af regelrecht de oude medina (=wijk) in. We liepen door oude wijk met ook gewoon markt, waar het ook barste van de tentjes en mensen. Na een tijdje werden we aangesproken door een man, die ons naar zijn shop zou leiden. Ik kreeg al snel door dat hij alleen maar een aanhangsel was en ons alleen aan het gidsen was. Even stopten we nog in een winkel, omdat Miklós z’n oog op een vest was gevallen van het type merkkleding. De verkoper zei dat het 700 DH (Dirham) moest kosten wat omgerekend €70,- is. Aangezien je in Nederland voor hetzelfde bedrag er één kan kopen, zagen we ervan af. Even daarna wilden we wel van onze gids af en Nico betaalde hem. Nico gaf hem tien Dirham en hij vroeg of hij geen 20 Dirham kon krijgen. Ze snappen hier niet dat als zij naar jouw toe komen en niet andersom dat je dan ook niet veel hoeft te verwachten. Hij moest het dus stellen met z’n tien dirham. We liepen verder en wilden de buurt uit. We kwamen even in een verkeerde straat terecht. Vuil werd in een gat in de grond gesmeten, glas ging er gooiend vanaf 30 meter erachteraan en de kinderen deden aan sport. Weliswaar kattenstampen, maar het was hun sport. Gelukkig waren de katten sneller dan de voet van de kinderen, maar voor ons was dit absoluut NOT-DONE. Er kwamen gelukkig al snel uit op een hoofdweg waar het weer druk was. We liepen daar wat en wilden eigenlijk wel wat drinken. Nico gebaarde naar een paar kleine shops maar we wilden wel graag even zitten. We liepen naar een echt café in een hoofdstraat en dronken daar cola en heerlijke jus d’orange. We overlegden of we nog ergens heen wilden of dat we naar Mohammedia zouden gaan. Er werd gekozen voor Mohammedia en we liepen terug naar de haven. Dit keer konden we zo doorlopen (bij de havenpoort) zonder dat we ook maar iets hoefden te laten zien. Terug bij het plateau waar onze boot aan vast lag, was het inmiddels laag water. We zochten naar mogelijkheden om op het plateau te komen. Na een minuutje kijken kwam een van de mannen snel naar buiten om ons te helpen. De primitieve loopplank werd neergelegd en we konden weer via de stootrand, via de bolder op het plateau stappen. We gingen aan boord en na een beetje opruimen startten we de motor. De mannen kregen nog een grote fles cola en we vertrokken. Zoals altijd was het water net buiten de haven erg onrustig, maar later motorden we rustig naar Mohammedia. Ik ging even op de bank liggen en na twee uurtjes waren we alweer tussen de pieren. Op het eerste gezicht leek het erop dat ook dit een industriehaven was. Volgens het boekje was er een mooi strand met redelijke haven en toen we even verder voeren bleek dat gelukkig ook het geval. We legden aan en kregen gelijk een paar uniformen over de vloer. De boot was nog erg vies van Casablanca (veel modder van het vieze plateau). Miklós en ik kregen de opdracht om de boot schoon te spuiten en gingen voor een slang kijken. Ik pakte een slang en een tuitje zodat de slang op de kraan aangesloten kon worden. Ik zou alleen de boot schoonmaken op voorwaarde dat Miklós een bacardi-cola voor me zou maken. Deal. Ik was bezig de slang aan te sluiten en wilde hem op de boot leggen toen een man mijn kant op kwam. Hij pakte zonder wat te zeggen het tuitje van de kraan en ging hem zelf gebruiken voor ik ook maar wat kon zeggen. Ik begon te protesteren en hij vroeg of ik Frans sprak, waarop ik bot antwoordde: “No I speak English!” Hij begon constant “attande” te roepen dus moest ik wachten. Hij had gewoon dat tuitje gejat dus ik zei: “RAPIDE!” Hij keek me een beetje lachend aan en het engeltje op mijn schouder weerhield me ervan hem even de huid vol te schelden. Ineens hoorde ik vanaf een andere boot “you can borrow ours.” Dit bleek van een Canadese boot te komen. Een jongen net even iets ouder dan Miklós zei dat hun slang hier op de steiger lag en dat ik die kon gebruiken. Er zat een handig pistoolstuk aan het eind en kon ik de boot afspoelen. Ik sprak nog even kort met de mensen van de Schorpioen (NLs schip) en nadat Nico ook aan was komen lopen ging ik de slang opruimen. De jongen van de Canadese boot kwam aanlopen en ik raakte met hem in gesprek. Hij bleek Dave te heten, was 22 jaar en was met z’n oom en tante aan het varen. Z’n oom en tante voeren de hele wereld rond en hij was al meerdere keren naar ze toe gevlogen en had al veel van de wereld gezien. Hij was geweest in Azië, Australië, de Malediven, de Caribiën en de hele Middellandse Zee (en natuurlijk Canada). Hij ging net als wij eind november, begin december oversteken naar de Cariben en na de Cariben door naar Venezuela en het Panamakanaal. Ik vond het geweldig om te horen hoe een 22 jarige jongen al zoveel van de wereld had gezien. Ik vertelde hem over onze overdonderende ervaring met Marokko/Casablanca en hij zei dat het zelfs bij de tweede keer opnieuw erg wennen was (hier is hij ook al geweest). We moesten nog uit eten en ik vroeg hem naar een goed restaurant en we hebben er heerlijk gegeten. Bij het afrekenen lukte het betalen per creditcard niet, omdat de telefoonlijn kapot was of iets in die richting. Omdat we zolang moesten wachten kregen we een rondje van het huis, wat we erg konden waarderen. Terug op de boot besloten Miklós en ik te gaan douchen. Nadat een kakkerlak ons pad had gekruist besloten we toch maar op de boot te gaan douchen. Ik kan je zo zeggen, die beesten zijn groot en echt superranzig. Doe mij maar spinnen. Morgen willen we een dagje recreëren en de stad verkennen. Er is een zwembad, een racecourse en nog allerlei zeer aantrekkelijke attracties zoals een strand. Dit is de plek waar de rijke Marokkanen hun kindertjes op zeilles doen en zichzelf vermaken op de golfbaan. Ciao! 

donderdag 29 september 2005
Ik werd wakker door een onbekende stem, die uiteindelijk van een uniform af bleek te komen. Nico was alweer bezig met de formaliteiten en dat zijn er hier een heleboel. Na het ontbijt moest Nico met nog wat uniformen mee om weer iets te regelen (vraag me niet wat). Toen ook dat gebeurd was waren we eindelijk welkom in Marokko (eerst mochten we niet eens de boot af). Wilma vroeg nog toen Nico mee moest of iemand mee wilde. Ik wilde mee maar Nico was al ver toen ik buiten was. Ik werd aangesproken door twee “werkzame” mannen van het schip waar we tegenaan lagen. Ze probeerden cola te bietsen, maar ik zei dat we dat niet aan boord hadden. Deze mannen leken me van die bietsers, maar bleken later toch wel aardig te zijn. Ze probeerden een beetje bij ons naar binnen te kijken en dat hadden we door. Eerst dachten we dat wanneer we keken dat ze deden alsof ze visten, omdat we geen draadje zagen. Later bleek dat ze toch echt in het smerige water aan het vissen waren. Ze waren ook ontzettend blij toen ze wat vingen (tot mijn grote verbazing). We gingen van boord om Casablanca te bezoeken. Zoals verwacht was het nog even lopen voor we het enorme haventerrein af waren. We zagen duidelijk hoe ze hier de werkeloosheid aanpakken. Bij elk gebouw of schip (zoals waar wij tegen aan lagen) waren standaard drie mensen (bij ons dan twee) die de boel in de gaten hielden, maar werkelijk de hele dag geen flikker uitvoerden. Ze krijgen er wel voor betaald, maar het was duidelijk te zien dat die mensen zich stierlijk verveelden. Ik kon me ook ineens heel goed voorstellen waarom die mannen zo blij waren met het gevangen visje. Na ruim tien minuten lopen kwamen we eindelijk bij de havenpoort aan. Daar moesten we de paspoorten en een pasje van de haven laten zien zodat we bevoegd waren in en uit te lopen. Eenmaal buiten zagen we eindelijk echt de stad. Mijn verwachtingen waren, zoals al gezegd, totaal verkeerd. Mijn zandhuisjes waren enorme flats, mijn rustige straatleven was één grote chaos, kortom, een totaal andere wereld. We wilden naar de moskee en zochten een taxi. De kleine taxi die heel toepasselijk “petit taxi” heten mochten maar maximaal drie personen vervoeren. We vroegen de chauffeur om een grotere taxi en hij verzocht ons hem te volgen. Hij riep iemand en we moesten nu hem volgen. We werden naar een grote taxi begeleid en daarmee reden we door de stad naar de moskee. Vanaf hier zal ik alles kort omschrijven (ook weinig beschrijven) omdat dit stukje anders zeker vier A4-tjes gaat bevatten. We liepen naar de enorme moskee waar bleek dat we om twee uur in de middag een rondleiding konden krijgen. We gingen wat drinken, eten (4 belegde broodjes €2,-) en om twee uur werden we rondgeleid door de enorme moskee. Het ding had zo’n $800.000.000 gekost, maar volgens de gids kon dit ook nog wel eens drie keer zoveel zijn, omdat niet van alles duidelijk is hoeveel het waard is. Na de moskee gingen we opnieuw wat drinken bij hetzelfde café. We besloten dit keer ons te splitsen zodat we met de petit taxi’s konden. Deze zijn namelijk stukken goedkoper. Onze bestemming was een “nieuwe” wijk waar ook een shopping district moest zijn. Deze nieuwe wijk zag er voor onze begrippen niet zo nieuw uit maar was wel een ongelooflijke ervaring. Een mierennest was er niks bij zo druk. Overal kleine tentjes, winkeltjes, kleedjes waar van alles op verkocht werd. Ook hier laat ik stukken beschrijving weg om het in te korten. Alleen een paar (voor ons) zeer ongewone dingen zal ik noemen. We zagen bijvoorbeeld uitgestalde schapenkoppen die verkocht werden. Er hing bij de slager een heel kamelenhoofd. En de kippenslager die wist mij wel te shockeren. De levende kippen zaten in zijn kleine stalletje, in veel te kleine kooien bij elkaar gepropt. Als een kip verkocht werd dan werd hij door de man uit z’n kooi gepakt, met z’n pootjes bij elkaar gebonden (nog steeds levend) en haalde de slager met een mes zo z’n kop eraf (dit beeld zal ik helaas nooit vergeten). Echt te ranzig om naar te kijken en we liepen ook snel door. Miklós kocht twee shirts, Wilma wat groente en fruit. Uiteindelijk kwamen we een internetcafé tegen. Miklós en ik hebben daar een halfuurtje geMSNt en Nico en Wilma hebben thee gedronken op een terrasje. Helaas hadden ze hier geen qwerty toetsenborden (het standaard toetsenbord in Nederland) en verliep het typen zeer traag en kwam ik niet toe aan m’n mail. De avond begon te vallen en we wilden wel wat eten. We namen na een zeer chaotische straat overgestoken te hebben, met veel gedoe een taxi en reden naar de kust. Daar hebben we heerlijk gegeten. De eigenaar van het restaurant die ons ook bediende belde een taxi, die ons naar de boot moest vervoeren. Aangezien er een soort hoofdweg over het haventerrein liep en het niet boeiend was om te lopen, wilden we proberen of hij ons bij de boot af kon zetten. Bij de poort werden we dan ook vreemd aangekeken door de dienstdoende bewaker. Hier komen waarschijnlijk nooit taxi’s, omdat er op een industriehaven geen toeristen mogen zijn en je er ook niet voor je lol gaat kijken. We hadden van de formaliteiten een speciaal pasje gekregen, waarmee we bevoegd waren het haventerrein te betreden. We mochten met de taxi het terrein betreden en hij reed ons over de haven naar de boot. Toen we 30 meter van de boot verwijderd waren, restte ons nog een laatste verrassing. Een security busje hield ons staande. Deze mannen vroegen zich natuurlijk ook heel hard af wat een stel toeristen hier moesten. We lieten het pasje en de paspoorten zien en na lang staren van de bewaker mochten we toch doorrijden. We betaalden de chauffeur en liepen naar de boot. Ook hier wachtte ons de volgende verrassing. Het was laag water en zo werd het ons ook een stuk moeilijker gemaakt om op het enorme plateau te komen. Twee mannen die nu het plateau moesten “bewaken” hielpen ons fantastisch. Er werd een zeer primitieve loopplank neergelegd, waarmee we op een enorme stootrand kwamen te staan en nadat we op een bolder waren gesprongen konden we rustig op het plateau stappen. Het was een zeer rare dag, vol met voor ons vreemde gebeurtenissen en ervaringen. Desondanks was het een ongelooflijke, onvergetelijke ervaring. Morgen blijven we liggen om nog een andere markt te bezoeken en in de middag zullen we koers zetten naar Mohammedia. Ciao! Lees in de aparte stukjes over de markt, moskee en meer…

Terug naar Yoricks dagboek