HOME            GENEALOGIE

 

 

Kunt u hulp gebruiken bij het vinden van uw voorouders? Ik doe het graag voor u!

Kijk op www.geneahulp.nl

 

 

 

Om verschillende oude begrippen beter te kunnen plaatsen, hieronder een lijst met een korte uitleg.

 

attestatie................................................... getuigschrift, meegegeven aan toekomstige echtparen, waarmee ze elders konden

................................................................. trouwen

bejaard..................................................... vroeger: te interpreteren als volwassen

belastingpachter....................................... deze pachtte (vaak in samenwerking met één of twee collega's) voor een periode

................................................................. van drie jaar belastinginning van de provincie; deze werd gegund aan de meest

................................................................. biedende. De belastingpachter had een collecteur in dienst die de belastinggelden

................................................................. namens hem inde. De hoogte van tarieven werd bepaald door de overheid.

beurtschipper........................................... schipper, die een vaste dienstregeling onderhield tussen twee of meer plaatsen

collecteur.................................................. zie bij belastingpachter

commies.................................................. ambtenaar in overheidsdienst, in rang een treetje hoger dan de klerk.

................................................................. Soms ook specifiek: grenswachter.

eigenerfde................................................ boer met eigen land, verkregen via overerving

fuselier...................................................... infanterist, bewapend met een geweer

gecommiteerde........................................ afgevaardigde

grutter....................................................... in enge zin: gruttermolenaar (deze maakte gebroken graan, denk bijv. aan

................................................................. boekweitgrutten), in ruime zin: winkelier in grutterswaren, zoals ook bijv. meel en

................................................................. bonen

haardstedegeld......................................... Drentse belasting in de 17e en 18e eeuw (verg. vuurstedegeld)

hellingknecht............................................ werkte op een scheepshelling, waar schepen werden gebouwd en gerepareerd

houder van de bank van lening................ pandjesbaas, lommerd

kerspel...................................................... kerkelijke, maar ook een juridische 'gemeente' (in het laatste geval waren de

................................................................. kerspelgrenzen bijv. bepalend voor de grootte van het gebied van een schout of

................................................................. schulte)

keurnoot................................................... bijzitter bij rechtszittingen, in de regel waren dit 'dikke boeren': eigenerfden met een

................................................................. groot bedrijf

keuter....................................................... kleine boer

lage verveningen...................................... verveningen in laagveengebied

lid van de kerspelraad.............................. verg. bijv. gemeenteraadslid; zie ook 'kerspel'

maire........................................................ Frans voor burgemeester; het woord werd gebruikt in de Napoleonse tijd

meijering................................................... mogelijk hetzelfde als meijer, een pachter

moesker................................................... groenteteler

momber.................................................... voogd

mulder...................................................... molenaar

olijstelmaker............................................. is me niet geheel duidelijk; mogelijk iemand die oliestellen (kookstellen?) maakte

pander...................................................... 17e, 18e eeuw: helpt de schout/schulte bij het uitoefenen van zijn justitiële taken, te

................................................................. vergelijken met een deurwaarder

poortierder................................................ waarschijnlijk wachter van de stadspoort

praamschipper......................................... schipper van en praam (een bep. type boot, klein en plat)

proclamatie.............................................. aankondiging

schatter van het slachtvee....................... iemand die de waarde van slachtvee bepaalde

scheper.................................................... schaapherder

schout / schulte........................................ 17e, 18e eeuw, Overijssel / Drenthe: hield zich bezig met de rechtspraak binnen

................................................................. een kerspel, voorloper van de 'maire' uit de Franse tijd

sjouwer..................................................... havenarbeider

snijder....................................................... kleermaker

stelmaker................................................. vervaardiger van onderstellen van wagens

subontvanger........................................... belastingontvanger in rijksdienst

successie memorie.................................. lijst van nagelaten goederen van een overledene, opgemaakt t.b.v. de belasting

verhuurder van zeelieden........................ arbeidsbemiddelaar

vervener................................................... iemand die in eigen beheer veenland omzette (of liet zetten) in turf

volmacht.................................................. afgevaardigde

vuurstedegeld........................................... Overijsselse belasting in de 17e en 18e eeuw (verg. haardstedengeld)