<< begin

de Hunzecentrale

de kolenmuur

De muur anno 2012. Rechts de platen die de lange opening afdekken. Links tussen het water en de muur reed de grijperkraan.

De kolenmuur gezien vanaf de Euroborg. Halverwege mist het stuk dat weggehaald is voor de doorgang van de Boumaboulevard.

Kolenkraan

Detail

De functie van de kolenmuur

Er waren vijf ketels elk met een eigen turbine en generator. Vijf zelfstandig werkende eenheden en vijf schoorstenen dus.
De 1e eenheid vanaf de stad gerekend kon op kolen en olie gestookt worden. De eenheden 2 t/m 5 op olie en aardgas.
Later is eenheid 1 geschikt gemaakt om ook op gas te stoken en is het kolenstoken vervallen.
Van de kolenmuur is een deel tussenuit gesloopt, daar waar de Boumaboulevard kwam.
De muur had een totale lengte van ongeveer 200 meter. 
Het water langs de kade werd de kolenhaven genoemd. Daar werden de kolenschepen gelost Dus daar waar de nieuwe brug over is gelegd.
De kolenschepen werden gelost met een grote grijperkraan die op rails liep tussen de muur en de kade. De kraan nam een hap kolen uit het schip en deze werd tot 20 meter over de bewuste muur gebracht en daar gestort.
Een flink terrein was dit aan de oostkant van de muur. Dit werd  het “kolenpark” genoemd, met grote bulten kolen.
Onder de muur was een onderaardse gang met een lange transportband van 120 meter.
En onderaan langs de oostkant van de muur (het deel waaronder de transportband) was een lange opening als een soort trechter. Daarom staat de muur ook wat schuin vanwege de trechterwerking. 
In de onderaardse gang zaten twee verrijdbare graafmachines die de kolen vanuit de onderkant trechter naar binnen haalden en op de lopende band stortten.
De lopende band vervoerde de kolen richting het Noorden (richting stad dus).
Op het einde gingen de kolen op de schuine oplopende band naar boven tussen de eenheden 2 en 3.
Je ziet de koker daarvan op twee foto’s op de site.
Vandaar werden de kolen op weer een andere band gestort en horizontaal naar Eenheid 1 gebracht en daar in een van de vier enorme betonnen kolenbunkers (van 200 ton kolen per stuk) gestort. De totale lengte van deze transportbanden was 230 meter. Dit transportsysteem had een capaciteit van 200 ton kolen per uur.
Als de ketel op kolen werd gestookt dan werden de kolen vanuit de bunkers via weegtoestellen naar twee grote kolenmolens gevoerd. De molens bestonden uit grote trommels met daarin een grote partij stalen kogels van pakweg 5 cm diameter.
Hiermee werden kolen tot poederkool vermalen en deze werd met behulp van lucht de ketel ingeblazen. En dat brandt dan prima.
Vanwege de mogelijkheid van aanvoerproblemen werden de ketels voor twee brandstofsoorten geschikt gemaakt. De ketel van eenheid 1 is echter niet veel op kolen gestookt.
De uitstoot uit de schoorsteen werd beperkt door een elektrostatische vliegasvanger in het rookgaskanaal naar de schoorsteen. Bovendien geeft de verbranding slakvorming en die slak moest afgevoerd worden aan de onderkant van de ketel (als granulaat). Al met al is het kolenstoken daardoor nooit een succes geweest. Alles vergde veel onderhoud om het geheel bedrijfsvaardig te houden.
De kolenmuur had dus een functie bij de opslag en het transport van de kolen naar de centrale.
Als je over de brug gaat richting de Euroborg dan rij je door de vroegere kolenmuur en kom je op het voormalige kolenpark. 
Op de bovenste foto van de muur lag rechts dus het kolenpark. Aan die kant lagen de kolen hoog  tegen de muur.  De "omgevouwen" bovenkant van de muur is aan de kant van de kraan.
Deze kraan reed langs de kade, dus tussen het water (de kolenhaven) en de muur. Dus links op de foto.
Zo een rijdende kraan (op rails) moet natuurlijk van elektriciteit worden voorzien en met een kabel eraan over een zo grote afstand is dat niet erg handig.
Onder de omgevouwen bovenkant van de muur zaten de stroomgeleiders. De kraan werd daardoor via sleep-kontakten voorzien van elektriciteit. Dat moet droog en min of meer afgeschermd dus vandaar de vorm aan de bovenkant. De bovenkant van deze “koker” is ook schuin zodat opvallende kolen er niet bleven liggen.

De muur is de enige tastbare herinnering aan de Hunzecentrale, die enkele decennia daar prominent aanwezig was en in die tijd een markant herkenningspunt.

Tekening kraan uit boekje over de Hunzecentrale, uitgegeven ter gelegenheid van de officiële inbedrijfstelling op 27 april 1964.

[ ]