[Terug]

Reacties uit de media...


Chemisch weekblad C2W  -   Debye was fout

Peter Debye (1884-1966), winnaar van de Nobelprijs voor scheikunde in 1936, blijkt een 'foute' Nederlander te zijn geweest die actief sympathiseerde met de nazi's. In 1938 heeft hij aangedrongen op verwijdering van joden en niet-Ariërs uit het Deutsche Physikalische Gesellschaft, waarvan hij voorzitter was. Dat schrijft wetenschapshistoricus Sybe Rispens in een boek, dat volgende week verschijnt.

Dat Debye in de jaren dertig in Duitsland werkte, was natuurlijk al bekend. Maar tot nu toe werd aangenomen dat hij politiek niet geïnteresseerd was, en te naïef om te beseffen dat hij met zijn werk de nazi’s in de kaart speelde.

De Universiteit Utrecht zit ernstig met de onthulling in de maag. Daar ontstond in 1989 het Debye-instituut, gewijd aan fysica en chemie van nanomaterialen en grensvlakken. Het werd indertijd naar Debye genoemd omdat diens onderzoek ook zowel de natuur- als de scheikunde omvatte. Mogelijk zal het instituut nu een andere naam moeten krijgen.

Ook de Universiteit Maastricht heeft een probleem. Die reikt eens in de twee of drie jaar de Peter Debyeprijs (10.000 euro) uit, als oeuvreprijs voor gerenommeerde wetenschappers. Debye was namelijk geboren in Maastricht.

Het boek van Rispens gaat eigenlijk over de Nederlandse connecties van Albert Einstein. In Duitse archieven heeft de auteur brieven teruggevonden waarin Einstein, die fel anti-nazi was, protesteerde tegen de aanstelling van Debye als hoogleraar aan de Cornell-universiteit in de VS. Tevergeefs, overigens: Debye emigreerde in 1940 en liet zich zes jaar later naturaliseren tot Amerikaan. Bij de documenten zat ook een anti-joodse brief uit 1938 van de hand van Debye, nota bene ondertekend met ‘Heil Hitler’.

bronnen: de Volkskrant en Ublad Online, 19 januari 2006


Kennislink: Nobelprijswinnaar fout in de oorlog naar: Vrij Nederland 20-1-2006
SAMENVATTING
De naam van de Nederlandse natuurkundige en Nobellaureaat Peter Debye leeft voort in een Maastrichtse prijs en Utrechts laboratorium. Nu blijkt dat Debye in de oorlog fout, goed fout was. Dat leidt wetenschapshistoricus Sybe Izaak Rispens af uit brieven in Duitse archieven.

Dat Debye (Maastricht, 1884 - 1966) in de jaren 1930 in Duitsland werkte was algemeen bekend. Waarom hij tijdens de opkomst van het Nazisme nog steeds leiding gaf aan een vooraanstaand wetenschappelijk instituut? Politieke naïviteit, dachten historici. Rispens, wetenschapshistoricus in Berlijn, bracht echter brieven van Debye aan het licht, waarin die oproept tot het zuiveren van het Deutsche Physikalische Gesellschaft joden en andere niet-Ariërs. Hij publiceerde er een artikel over in Vrij Nederland (hier te lezen op Kennislink).

Het geschiedenislog van de redactie van /Geschiedenis

vrijdag 20 januari 2006 11:58 / Verstuur

Nobelprijswinnaar Debye was Hitler-regime ter wille

Historicus en journalist Sybe Rispens heeft tijdens zijn onderzoek voor zijn boek 'Einstein in Nederland' een brief gevonden waaruit blijkt dat natuurkundige Peter Debye het Hitler-regime actief heeft gesteund.

Peter Debye is in de jaren dertig een gerenommeerd natuurkundige. In 1936 ontvangt hij de Nobelprijs voor scheikunde. Debye werkt in Utrecht en in Duitsland op verschillende universiteiten en onderzoeksinstituten voordat hij in 1940 naar Amerika vertrekt. Naar verluidt omdat hij weigert het Duitse staatsburgerschap aan te nemen.Volgens Rispens schrijft Albert Einstein verschillende brieven naar officiële instanties om te voorkomen dat Debye naar Amerika zou komen, vanwege zijn medewerking aan de Nazi's.

In de jaren dertig geeft Debye leiding aan het belangrijkste natuurkundige onderzoeksinstituut in Berlijn. De indruk is altijd geweest dat hij vooral passief bijgedragen heeft aan het nazi-regime, daar kon hij niet aan ontkomen. De ontdekte archiefstukken geven echter een ander beeld. In een brief van 9 december 1938 schrijft Debye bijvoorbeeld aan alle leden van het wetenschappelijke gezelschap dat hij ertoe oproept dat alle joodse en niet-arische leden zich terugtrekken. Hij eindigt met 'Heil Hitler'.

In Utrecht is een natuurkunde-instituut en in Maastricht een wetenschapsprijs naar hem vernoemd. De beide universiteiten weten nog niet wat ze met de nieuwe informatie gaan doen.

Bronnen: Volkskrant en website Universiteit Utrecht


Universiteit Utrecht beraadt zich op naamgeving Debye-instituut

26-1-2006
Het college van bestuur heeft besloten om zich te beraden op de benaming van het Debye-instituut, een onderzoekschool van de faculteit Bètawetenschappen. Aanleiding voor deze beslissing is het beschikbaar komen van nieuw historisch materiaal aangaande de rol van Peter Debye in de periode rondom de Tweede wereldoorlog. Het college neemt deze informatie serieus, maar wenst dat de feiten zorgvuldig worden gecontroleerd.

Daarom heeft het college zich tot het NIOD gericht met de vraag om de betrouwbaarheid van deze informatie te toetsen. Dit verzoek heeft zij gedaan gezamenlijk met de Universiteit Maastricht en de Stichting Edmond Hustinx, die via de Peter Debye prijs verbonden zijn met de naam van deze Nederlandse Nobelprijswinnaar.

Naar aanleiding van het NIOD-onderzoek zal het college van bestuur een standpunt bepalen aangaande de naamstelling van het Debye-instituut.

Meer informatie
Drs. Ludo Koks, woordvoerder Universiteit Utrecht, telefoon (030) 2532501, e-mail L.P.M.Koks@uu.nl


Observant  -  Peter Debye in opspraak, UM in verlegenheid

26 januari 2006
Er is een Debyeprijs, er is een Debyeplein en een universitair pand dat in de adressering Deb1 heet. De Universiteit Maastricht, zo veel is duidelijk, heeft zich duidelijk zichtbaar aan Peter Debye, Maastrichtenaar en Nobelprijswinnaar, verbonden. De vraag is hoe lang dat nog duurt, nu bekend is geworden dat Debye in de jaren dertig in Duitsland meewerkte aan anti-joodse maatregelen van de Nazi's en ten minste één brief ondertekende met "Heil Hitler!". 

De ophef over het verleden van een van Maastrichts grootste zonen ontstond vorige week, na publicatie van het boek Einstein in Nederland van wetenschapshistoricus en -journalist dr. Sybe Rispens. Albert Einstein en Peter Debye hebben op verschillende momenten in beider carrières met elkaar te maken gehad, de jongere Debye volgde Einstein, een enkele keer mede op diens voorspraak, zelfs enkele malen op. Rispens beschrijft in een apart hoofdstuk een aantal twijfelachtige episoden in het Duitse verleden van Debye. De eerste affaire speelt rond 1920, toen de ster van de Nederlandse natuurkundige al hoog was gestegen na belangrijke posten: in Zürich, een tweejarig hoogleraarschap in Utrecht, in Göttingen was hij inmiddels directeur van het natuurkundig instituut. De jood Einstein werd, schrijft Ripkens, in 1920 in Berlijn slachtoffer van een antisemitische lastercampagne waarbij hem "ontaarde wetenschap" werd verweten. Wereldwijd roerden tientallen collega's zich met steunbetuigingen; Debye hield zich stil.

Een tweede episode is ernstiger. Einstein, die zich in de jaren twintig actief bezighoudt met het slechter wordende politieke klimaat in Duitsland en het groeiende fascisme, keert in 1933 niet meer terug van een Amerikaanse reis. Hitler is zojuist aan de macht gekomen, vrijheid en tolerantie zijn begrippen uit het verleden, Einstein geeft al zijn functies op. Daarmee kwam ook de plaats van directeur van het Kaiser Wilhelm Institut voor theoretische natuurkunde vacant. Ofschoon ook toen al meerdere gerenommeerde wetenschappers uit protest tegen het uitsluiten van niet-ariërs uit de wetenschappelijke instellingen hun ontslag hadden ingediend, schroomde Debye niet om zijn positie in Leipzig in te ruilen voor de plaats van Einstein. En zo is er meer, met als dieptepunt een brief uit 1938 die nu door Rispens boven water is gehaald. Debye, die in '36 de Nobelprijs voor chemie ontving, verwittigde daarin als voorzitter van de Deutsche Physikalische Gesellschaft zijn joodse medeleden dat zij hun lidmaatschap dienden te beëindigen. De laatste woorden van het briefje luidden: "Heil Hitler!"

Al met al geen fraai beeld, al moet gezegd worden dat het niet geheel eenduidig is. Zo heeft Debye zich ook een keer ingespannen om een joodse medewerkster uit Duitsland te laten smokkelen. Voor het overige echter rijst uit het boek het portret op van een bevlogen wetenschapper die zich liefst buiten de maatschappelijke werkelijkheid opstelde en die de morele oordelen aan anderen overliet. Hij "schipperde verder", schrijft Rispens. Albert Einstein, zelf wel zeer betrokken bij de wereld om hem heen, heeft Debye diens houding in ieder geval niet in dank afgenomen. Toen Debye in 1940 naar Amerika vertrok vond Einstein het raadzaam zijn collega's in de VS te waarschuwen voor deze man die banden met het Nazi-regime onderhield.

Intussen zijn de goede naam van de UM en ook van de Universiteit Utrecht, waar een heel instituut naar Debye is genoemd, in het geding. De Peter Debyeprijs is een ongeveer tweejaarlijkse coproductie van de Maastrichtse Stichting Edmond Hustinx en de UM. De stichting looft de prijs van tienduizend euro uit, de UM stelt het terrein en de kandidaat vast. Het is de belangrijkste wetenschappelijke prijs die de UM te vergeven heeft; een der ontvangers, de Brit John Vane, ontving later zelfs de Nobelprijs. Erik Drenthe, al achttien jaar als UM-beleidsmedewerker secretaris van de prijs, kan zich niet herinneren dat er ooit vraagtekens zijn gezet bij het verleden van Debye. De stichting zelf heeft het op haar website over diens "merkwaardig gebrek aan politieke interesse" en memoreert dat hij "op het ontslag van zijn joodse collega's na 1933 niet schijnt te hebben gereageerd". Tot nu toe, maar dat was voor de jongste onthullingen, was dat geen reden Debye als naamgever van de prijs te schrappen. De UM, Utrecht, de Stichting Edmond Hustinx en de gemeente Maastricht bereiden een reactie voor, laat UM-woordvoerder Jeanine Hermans weten. Vrijdag zal bekend worden gemaakt dat er een nader onderzoek naar de beweerde feiten komt: "We willen zorgvuldig te werk gaan". Het bovenvermelde briefje dat afsluit met Heil Hitler! blijkt voorlopig nog niet doorslaggevend. UM en Utrecht benadrukken dat voor hen het principe van academische vrijheid zwaar weegt, en mogelijke inbreuken op dat uitgangspunt door Debye dus ook. 

Wammes Bos

Academische vrijheid

2 februari 2006
In Observant nummer 19 benadrukt de UM dat het principe van academische vrijheid zwaar weegt, en mogelijke inbreuken op dat uitgangspunt (door Peter Debye) dus ook. Deze opvatting is juist, want artikel 1.6 van de Wet op het Hoger en Wetenschappelijk onderwijs en onderzoek bepaalt zonder beperkingsclausules: "Aan de instellingen wordt de academische vrijheid in acht genomen." In hetzelfde nummer verordent de academicus Raymond Leclercq de actieradius van die vrijheid, door wetenschappers die alternatieve behandelwijzen verdedigen onwetenschappelijk te noemen. Dat getuigt niet alleen van een anti-wetenschappelijke mentaliteit, maar ook van gebrekkig historisch besef. De Heidegger affaire, de executie van Hans en Sophie Scholl en de karaktermoord op Wouter Buikhuisen, zijn hardhandige voorbeelden uit de universitaire praktijk die het belang van een inbreukverbod op de wetenschappelijke vrijheid onderstrepen.

Frits Bots

Advocaat


Observant:   Exit Debye

2 februari 2006
Het is vreemd dat de universiteit niet eerder vraagtekens heeft gezet bij het verleden van de Maastrichtse Nobelprijswinnnaar Peter Debye. Debye was immers van 1934 tot 1940 directeur van Kaiser Wilhelm Institut te Berlijn (tegenwoordig het Max Planck Institut) - tijdens de nazi-tijd, dus. Deze post had hij overgenomen van de joodse Albert Einstein, die "ontaarde wetenschap" werd verweten en Duitsland was ontvlucht vanwege het groeiende antisemitisme. Dat zet toch te denken. Nazi's en wetenschap - ik krijg er, om met Verdonk te spreken, een 'unheimisch' gevoel bij.

Maar dit feit heeft de universiteit kennelijk geheel over het hoofd gezien. Nu zitten we opgescheept met een Debyeplein, een Debyepand en een Debyeprijs. Vooral die prijs - de belangrijkste die de UM te vergeven heeft - komt door de onthullingen in het boek van Sybe Rispens in een lastig parket. De Debyeprijs is ingesteld om "de betekenis van origineel onderzoek te onderstrepen". De website van de Stichting Edmond Hustinx, die samen met de UM verantwoordelijk is voor de prijs, doet uitgebreid verslag van Debye's kindertijd in Maastricht. Vooral de vraag of je nou beter een HBS-opleiding kon hebben dan een gymnasiale, blijkt de biografe mateloos te boeien. Debye was een pienter kind en studeerde hard, weet zij te vertellen. "Verder zwierf hij in zijn vrije tijd met een paar vrienden door de stad en over de nabijgelegen Sint Pietersberg. Eens werden zij door de pastoor betrapt in één van de torens van de St. Servaes, waar ze stiekem opgeklommen waren." Foei! Zijn kwaadaardigere kanten, zoals zijn banden met het nazi-regime, worden nauwelijks besproken. Een kwestie van origineel onderzoek? Op zijn minst slordig.

Nu Rispens de gewraakte brief van Debye heeft opgedoken, zit de UM met de gebakken peren. "Heil Hitler!" - dat lijkt me duidelijk. Debye was officieel geen nazi, maar wel een schaamteloze opportunist. Zelfs toen hij was weggestuurd uit Duitsland en lesgaf aan de prestigieuze Cornell University, stuurde hij nog een telegram naar het Kaiser Wilhelm Institut dat hij "te allen tijde" bereid was terug te keren. Tevergeefs, overigens.

Biedt de Nobelprijs voldoende tegenwicht tegen deze belastende informatie? Ik denk het niet. Jonge, veelbelovende onderzoekers geef je geen prijs die vernoemd is naar een man die alle niet-arische leden van zijn vereniging verzocht uit te treden - Heil Hitler! -, al het briljante onderzoek ten spijt. Debye heeft trouwens niets te maken met de universiteit: hij was al dood voordat de UM het leven zag. Een nieuwe naam voor het gebouw en de prijs ligt dus voor de hand. Mijn voorstel: neem een kijkje op de nieuwe "Wall of Fame" in het Visitors Centre: 22 duizend Maastrichtse alumni - daar zit toch wel wat tussen?


Universiteit Utrecht ziet af van naamgeving Debye

16-02-2006
Het college van bestuur van de Universiteit Utrecht heeft zich beraden over de vraag of recent gepubliceerde gegevens die betrekking hebben op de handelswijze van de Nederlandse Nobelprijswinnaar Peter Debye voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog, aanleiding vormen om te heroverwegen of de naam Debye verbonden moet blijven aan een gerenommeerd onderzoeksinstituut van de Universiteit Utrecht. Het college heeft ten behoeve hiervan aan het NIOD onder meer verzocht om de bronnen waar de publicaties naar verwijzen te verifiëren.

Het college van bestuur constateert dat het NIOD de bronnen betrouwbaar acht. Het college is er zich van bewust, zoals ook aangegeven in de reactie van het NIOD - dat er nog onvoldoende onderzoek gedaan is om een totaalbeeld van Debye in Nazi-Duitsland te schetsen. Desalniettemin meent het college dat er (voor hem) voldoende nieuwe feiten in de afgelopen jaren naar voren zijn gebracht die niet verenigbaar zijn met een voorbeeldgebruik van de naam Debye. Daarom zal vanaf heden het onderzoeksinstituut de naam Debye niet meer voeren. Deze beslissing staat los van de betekenis van het eminente wetenschappelijke werk van Debye als fysisch-chemicus.

Meer informatie
Drs. Ludo Koks, woordvoerder Universiteit Utrecht, telefoon (030) 253 2501, e-mail L.P.M.Koks@uu.nl



‘Opgeroepen beeld moeilijk verenigbaar met voorbeeldfunctie UM’

16 februari 2006
NIOD concludeert: recente publicaties over Debye gebaseerd op betrouwbare bronnen

Naar aanleiding van recente publicaties over de handelwijze van de Nederlandse Nobelprijswinnaar Peter Debye voorafgaand aan en tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft het College van Bestuur van de Universiteit Maastricht zich beraden over de vraag of de universiteit nog haar medewerking wil verlenen aan de Peter Debye Prijs voor natuurwetenschappelijk onderzoek. Het College heeft samen met de Universiteit Utrecht en de Stichting Edmond Hustinx het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) verzocht om de bronnen waar de publicaties naar verwijzen te verifiëren.

Het College van Bestuur constateert dat het NIOD de bronnen betrouwbaar acht. Het College is zich ervan bewust, zoals ook aangegeven in de reactie van het NIOD, dat er nog onvoldoende onderzoek is gedaan om een totaalbeeld van Debye in Nazi-Duitsland te schetsen. In het materiaal zoals dit recent beschikbaar is gekomen wordt in ieder geval de suggestie gewekt dat Debye zich onvoldoende heeft verzet tegen de aantasting van de academische vrijheid vanuit de verantwoordelijke positie die hij destijds had voor medewerkers en studenten als voorzitter van de Deutsche Physikalische Gesellschaft.

Het College van Bestuur acht het opgeroepen beeld moeilijk verenigbaar met de voorbeeldfunctie, die gekoppeld is aan een vernoeming van/bij een wetenschappelijke prijs. Het College heeft daarom besloten de Peter Debye Prijs niet meer uit te reiken en de Stichting Edmond Hustinx in overweging gegeven de naam van de prijs te wijzigen. Deze beslissing staat los van de betekenis van het eminente wetenschappelijke werk van Debye als fysicus-chemicus.

Vanwege de wetenschappelijke signatuur van Debye heeft het College van Bestuur opdracht gegeven aan de Faculteit der Cultuurwetenschappen tot het schrijven van een wetenschappelijke monografie over Peter Debye.

Noot voor de pers:
Voor meer informatie over de inhoud van dit persbericht kunt u terecht bij Jeanine Hermans, woordvoerder UM, tel. 06 46705009,  e-mail
jeanine.hermans@bu.unimaas.nl.
De afdeling Communicatie van de UM is bereikbaar via 043 388 5222, e-mail
pers@bu.unimaas.nl. Voor urgente zaken buiten kantooruren: 06 4602 4992. De persberichten van de Universiteit Maastricht staan op internet: http://www.pers.unimaas.nl/


Hakehillot  nieuws 
Oorlogsverleden nekt Nederlandse Nobelprijswinnaar
(16-2-2006)

De universiteiten van Utrecht en Maastricht schrappen met onmiddellijke ingang de naam van Nobel-prijswinnaar Peter Debye (1886-1966), waarnaar ze een instituut en een prijs hebben vernoemd. NIOD-onderzoek heeft vastgesteld dat er sprake is van 'onduidelijkheid die is gerezen over Debye’s opstelling eind jaren dertig in nazi-Duitsland'. Hij lijkt als vooraanstaande wetenschapper met Nederlands paspoort in Berlijn actiever met het Hitler-regime te hebben samengewerkt dan tot nog toe werd aangenomen.

[...]
De Joodse Gemeente Limburg vindt dat het beeld van de omstreden Nobelprijswinnaar Peter Debye in het stadhuis van Maastricht moet verdwijnen. Voorzitter Benoit Wesly van de Joodse Gemeente in Limburg heeft dat verklaard tegenover de regionale omroep. Ook het plein en de laan die naar Debye zijn vernoemd moeten een andere naam krijgen.
De gemeente Maastricht wil echter eerst verder onderzoek doen en volgt daarmee niet de lijn van de twee universiteiten.
[...]


Observant:    UM en Utrecht distantiëren zich van Debye

16 februari 2006
De Universiteit Maastricht zal niet meer meewerken aan de Peter Debyeprijs zo lang die naam eraan gekoppeld is. Dat verklaart het college van bestuur naar aanleiding van berichten dat Debye zich in nazi-Duitsland coöperatief tegenover de machthebbers zou hebben opgesteld.

 Het collegebesluit is het directe gevolg van een brief van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie NIOD. Dat was te hulp geroepen door de Universiteit Utrecht, die een instituut naar Debye vernoemd heeft, de UM en de Stichting Edmond Hustinx, die de Debyeprijs via de UM ter beschikking stelt. De vraag aan het NIOD luidde: in hoeverre zijn de onlangs in het boek van Sybe Rispens aangehaalde documenten uit 1938 en 1941 authentiek? Rispens citeerde daar een brief waarin Debye in '38 als voorzitter van de Duitse natuurkundige vereniging opdracht gaf tot het vertrek van alle niet-arische leden, dit in overeenstemming met de Neurenberger rassenwetten. NIOD-directeur prof. Blom zegt geen reden te hebben aan de authenticiteit van dat document te twijfelen, ook al omdat er verdere "ondersteunende documentatie" is. Daarmee is "de verstrekte informatie betrouwbaar". De tweede vraag behelsde een brief van Debye uit 1941 met het aanbod uit de VS terug te keren als directeur van zijn Berlijnse instituut. Dus tijdens de Duitse bezetting van Nederland, vermelden de twee betrokken universiteiten en de stichting er ten overvloede bij. Handelde Debye daar uit vrije wil? Jazeker, zegt NIOD-directeur Blom, althans "zonder aanwijsbare externe dwang".

Op grond daarvan is nu de UM tot de slotsom gekomen dat de naam van Debye niet meer aan de prijs verbonden kan blijven. Het is nu aan de Hustinx-stichting om een besluit te nemen over voortzetting van de prijs, al dan niet met een andere naam. In dat laatste geval werkt de UM weer voluit mee aan jury en uitreiking. Ook bij de Universiteit Utrecht is het besluit gevallen het schei- en natuurkundig instituut van de naam Debye te ontdoen. Volgens het persbericht van de UM "is de suggestie gewekt dat Debye zich onvoldoende heeft verzet tegen de aantasting van de academische vrijheid (...)." Dit beeld acht het college "moeilijk verenigbaar met de voorbeeldfunctie, die gekoppeld is aan de vernoeming van een wetenschappelijke prijs."

Het college is wel van plan een biografie over Debye te laten schrijven, ook al omdat "een totaalbeeld van Debye in nazi-Duitsland" nog ontbreekt.

Wat er met de straatnamen en het bijbehorende universitaire pand Deb 1 gebeurt, is nog onduidelijk. 

Wammes Bos

TrajectUM   Debye Instituut krijgt andere naam

Nu vast lijkt te staan dat Nobelprijswinnaar Peter Debye met de nazi’s collaboreerde, heeft de Universiteit Utrecht besloten tot naamswijziging van het naar hem genoemde onderzoeksinstituut.

Uit recente publicaties bleek dat de scheikundige Debye (1884-1966) als directeur van een Duits onderzoeksinstituut van harte samenwerkte met de nazi’s. Oorlogsdocumentatiecentrum NIOD acht de bronnen achter de publicaties betrouwbaar. In een persverklaring stelt de UU beide overigens wel dat 'er onvoldoende onderzoek is gedaan om een totaalbeeld van Debye in nazi-Duitsland te schetsen'.

HOP  -  16-02-2006 13:18:32


NRC   -  Universiteiten zien af van naam Debye

Door onze redactie wetenschap

Rotterdam, 16 febr.

De Universiteiten van Utrecht en Maastricht willen hun naam niet langer verbonden zien aan die van de Nederlandse Nobelprijswinnaar Peter Debye. Dit hebben de colleges van bestuur vanmorgen bekendgemaakt.

De universiteiten reageren hiermee op belastende gegevens over Debye, die wetenschapshistoricus Sype Rispens onlangs in zijn boek Einstein in Nederland naar buiten bracht. Debye blijkt eind 1938 als voorzitter van de Duitse Physikalische Gesellschaft niet-arische leden te hebben verzocht uit te treden, een brief die hij eindigde met ‘Heil Hitler!’

Nadat hij als directeur van het Kaiser Wilhelm-instituut in Berlijn met verlof was gestuurd (omdat hij de Duitse nationaliteit niet wilde aannemen) vertrok Debye in januari 1940 naar Amerika. Zomer 1941 liet hij vanuit Ithaca (New York) de Duitse autoriteiten per telegram weten „te allen tijde” te willen terugkeren om de leiding van zijn Berlijnse instituut weer op zich te nemen.

Het NIOD, dat op verzoek van de universiteiten onderzoek deed, acht de bronnen betrouwbaar waarop Rispens zich baseerde. Overigens waren die bronnen in wetenschapshistorische kring bekend.

Het instituut vindt het nog wel te vroeg om een totaalbeeld van de Debye in Nazi-Duitsland te schetsen. Niettemin menen de universiteiten van Maastricht en Utrecht dat de naam Debye niet langer een „voorbeeldfunctie” kan vervullen. Het Utrechtse Debye-instituut en de Maastrichtse Peter Debye Prijs moeten op zoek naar een nieuwe naam. Tegelijk hebben ze opdracht gegeven tot het schrijven van een Debye-monografie.


Tiscali-nieuws:       'Nieuwe bronnen Debye betrouwbaar'

UTRECHT - 16/02/06 - (Novum) - Recent bekend geworden informatie over het oorlogsverleden van de Nederlandse Nobelprijswinnaar Peter Debye berust op betrouwbare bronnen. Dat heeft het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (Niod) geconcludeerd. De Universiteit Utrecht en de Universiteit Maastricht geven daarom respectievelijk hun onderzoeksinstituut en wetenschappelijke prijs, tot nog toe vernoemd naar Debye, een andere naam.

In zijn boek 'Einstein in Nederland' heeft wetenschapshistoricus Sybe Rispens niet eerder beschreven bronnen over Debye aan het licht gebracht. Hij vond onder meer brieven van Albert Einstein over Debye en brieven van de Nobelprijswinnaar zelf. Daaruit zou blijken dat de scheikundige het nazi-regime op een actievere manier steunde dan eerder werd aangenomen. Debye, die voorzitter was van de Deutsche Physikalische Gesellschaft, zou persoonlijk hebben aangedrongen op verwijdering van joden uit die organisatie.

De universiteiten vroegen het Niod vorige maand onderzoek te doen naar de betrouwbaarheid van de door Rispens geraadpleegde bronnen. Het Niod heeft de bronnen bestudeerd en heeft de instellingen laten weten de conclusies van Rispens plausibel te vinden.

De Universiteit Utrecht gaat nu op zoek naar een nieuwe naam voor het Debye-instituut. Ook de Maastrichtse Peter Debye-prijs krijgt een andere naam. De betekenis van 'het eminente wetenschappelijke werk van Debye als fysisch chemicus' staat niet ter discussie, melden beide universiteiten.

Rispens' boek handelt niet specifiek over Debye, maar gaat over de Nederlandse contacten van Einstein. Het Niod en de twee universiteiten vinden een nader onderzoek naar Debye wenselijk. De Universiteit Maastricht laat donderdag weten al opdracht te hebben gegeven tot het vervaardigen van een wetenschappelijke monografie over de Nobelprijswinnaar.

Peter Debye leefde van 1884 tot 1966. Hij ontving in 1936 de Nobelprijs voor de scheikunde voor zijn bijdragen aan de studie van de structuur van moleculen.


Domstad Actueel  - Universiteit Utrecht ziet af van naamgeving Debye  

Het college van bestuur van de Universiteit Utrecht heeft besloten niet langer gebruik te maken van de naam Debeye in de naamgeving van een onderzoekinstituut. Eerder was uit onderzoek naar voren gekomen dat de nobelprijswinnaar het nazi-regime gesteund had.

Het Utrechtse college van bestuur wachtte vervolgens de uitkomsten van verder onderzoek af. Nu blijkt dat het NIOD de bronnen betrouwbaar acht, is dit reden om verdere stappen te nemen. "Het college is er zich van bewust, zoals ook aangegeven in de reactie van het NIOD - dat er nog onvoldoende onderzoek gedaan is om een totaalbeeld van Debye in Nazi-Duitsland te schetsen. Desalniettemin meent het college dat er (voor hem) voldoende nieuwe feiten in de afgelopen jaren naar voren zijn gebracht die niet verenigbaar zijn met een voorbeeldgebruik van de naam Debye."

Geplaatst: 17 Feb 2006 


Aachener Nachrichten 

Maastricht und Aachen prüfen Affaire Debye

22 feb 2006
Aachen/Maastricht. Nach der Universität lässt nun auch die Stadt Maastricht offiziell die Haltung des niederländischen Nobelpreisträgers und gebürtigen Maastrichters Peter Debye (1884 bis 1966) im «3. Reich» prüfen.

Die Stadt will wissen, welche Rolle ihr Ehrenbürger bis Ende der 30er Jahre als Direktor des Kaiser-Wilhelm-Instituts und als Vorsitzender der Deutschen Physikalischen Gesellschaft gespielt hat. Die RWTH Aachen trägt derzeit noch die neueren Informationen über ihren Ehrendoktor (1959) zusammen und will sie «kurzfristig öffentlich machen».

Die Stadt Aachen, die 1975 eine Straße nach dem weltberühmten Physiker benannt hatte, teilte am Mittwoch auf Anfrage mit, dass sie «die neuen Erkenntnisse natürlich interessieren» und man nach einer Überprüfung «unter Umständen auch Konsequenzen ziehen» werde. Die Verwaltung von Baesweiler, auch dort gibt es eine Debye-Straße im Gewerbegebiet, wird ebenfalls «dem nachgehen und entsprechend reagieren»

Derweil hat der Autor des Buches, das die Nachforschungen über Debye ausgelöst hat, bestätigt, wie eng Debye ab 1935 und bis über 1940 hinaus mit den Nazis kooperierte. Kurz nach Erscheinen von «Einstein in Nederland» des Historikers Dr. Sybe Izaak Rispens Mitte Januar hatte die Uni Maastricht ihren nach Debye benannten Preis gestrichen.

In der Einstein-Biographie geht es nur auf ein paar Seiten um Debye, der mit seinem noch berühmteren Kollegen über viele Jahre zu tun hatte. Rispens erläutert nun unserer Zeitung gegenüber, dass Debye zwar «kein überzeugter Nationalsozialist» war. Er habe aber die Situation von 1934 bis 1940 als «Opportunist für seine eigenen Zwecke genutzt». Vor allem habe Debye «1938 den Auftrag gegeben, in einer 'Sonderaktion' die Juden aus der Deutschen Physikalischen Gesellschaft zu entfernen».


Aachener Nachrichten 

Maastricht und Aachen prüfen Affaire Debye

23 feb 2006
Er habe aber die Situation von 1934 bis 1940 als «Opportunist für seine eigenen Zwecke genutzt». Immerhin habe habe Debye strukturell an der Lösung der Judenfrage innerhalb der Kaiser Wilhelm Gesellschaft und der Deutschen Physikalischen Gesellschaft mit gearbeitet.
Nach Rispens Forschungen existieren einige Dutzend mit 'Heil Hitler' unterzeichnete Briefe, in denen er mit den Behörden die Judenfrage diskutiert. Vor allem habe Debye in 1938 den Auftrag gegeben in einer Sonderaktion die Juden aus der Deutschen Physikalischen Gesellschaft (DPG)  zu entfernen. Ausserdem hat Debye ohne dazu aufgefordert zu werden dafür gesorgt, dass die Judenfrage auch in der Satzung der DPG geregelt wird. Schliesslich habe Debye der in 1940 in die USA übersiedelte mehrfach probiert nach Hitlerdeutschland zurückzukehren, ohne das er dazu gezwungen wurde.


Volkskrant:

Was ondertekend met Peter Debye, Heil Hitler!

Achtergrond  Van onze verslaggever Martijn van Calmthout  - Volkskrant

AMSTERDAM - De universiteiten van Utrecht en Maastricht zullen de naam van de Nobelprijswinnaar Peter Debye niet meer gebruiken nu is gebleken dat de wetenschapper het nazi-regime actief steunde.

De aanwijzingen op grond waarvan de universiteiten van Utrecht en Maastricht hebben besloten de naam van Nederlandse Nobelprijswinnaar Peter Debye (1886-1966) niet meer te gebruiken, zijn nog maar het topje van de ijsberg. Debye werkte in 1939 op eigen initiatief aan het statutair uitsluiten van joodse collega’s uit de vakvereniging voor natuurkundigen, waarvan hij voorzitter was. En al zeker sinds 1936 ondertekende hij ook persoonlijke post geregeld met ‘Heil Hitler!’, zonder dat daar formele aanleiding voor bestond.

Dit blijkt uit nieuwe documenten en brieven die de Nederlandse Einstein-biograaf Sybe Rispens de laatste weken in Berlijnse archieven heeft gevonden. De documenten maken een einde aan het bestaande beeld van Debye als wetenschapper die met schipperen probeerde te redden wat hij kon, ook in nazi-Duitsland. Iemand met een ‘merkwaardig gebrek aan politieke interesse’, zoals hij tot gisteren op de website van de Debye-prijs in Maastricht werd omschreven.

Gisteren maakten Utrecht en Maastricht bekend de naam Debye per direct te schrappen vanwege zijn rol in Duitsland. In Utrecht was sinds eind jaren tachtig een onderzoeksinstituut voor nanotechnologie vernoemd naar de Nobelprijswinnaar (1936, scheikunde), die tussen 1912 en 1914 hoogleraar was in Utrecht.

In Maastricht, de geboorteplaats van Debye, deelde de universiteit elke twee jaar een wetenschapsprijs uit die vernoemd was naar de geleerde.

De universiteiten benadrukken dat het besluit onverlet laat dat Debye een eminente geleerde was.

Basis voor de pijnlijke beslissing is een rapportage van het Nederlands instituut voor Oorlogsdocumentatie. Dat onderzocht de afgelopen weken het materiaal dat biograaf Rispens in zijn boek Einstein in Nederland aandroeg over Debye. Volgens Rispens was de Nederlander betrokken bij zuivering van de Deutsche Physikalische Gesellschaft in 1939. In een rondschrijven gaf voorzitter Debye aan dat joodse leden vrijwillig hun lidmaatschap zouden moeten opzeggen. Ook die brief eindigde met ‘Heil Hitler!’

Daarnaast liet Rispens zien dat Debye weliswaar in 1939 naar Amerika vertrok na onenigheid met de Duitse nazi-autoriteiten, maar dat hij nog jaren werd doorbetaald door Berlijn. Bovendien gaf hij een aantal malen aan dat hij desgewenst direct op zijn oude post als directeur aan het Kaiser Wilhelm Instituut kon terugkeren. In de Verenigde Staten zei hij te zijn uitgeweken.

Rispens ontdekte de kwestie aan de hand van een tot nog toe onbekende brief van Einstein, die zich verzet tegen Debyes komst naar de VS. Einstein, zelf in 1933 al uitgeweken, zag de Nederlander als een collaborateur.

Uit het NIOD-onderzoek blijkt niet alleen dat Rispens bewijsmateriaal authentiek is. Maar ook dat er feitelijk geen goed beeld is van de opstelling van de Nederlandse Nobelprijswinnaar in Berlijn, eind jaren dertig. Vooral die onzekerheid is voor beide universiteiten reden zich niet langer met Debye te willen afficheren. Maastricht heeft besloten tot een historisch onderzoek naar het leven van Debye.

Uit het nieuwe materiaal aangetroffen in Berlijnse archieven blijkt volgens Rispens nog duidelijker dat Debye zich niet op de vlakte hield in de nazi-omgeving, zoals werd aangenomen, maar er verregaand mee samenwerkte. Nadat hij in december de zuiveringsbrief had rondgestuurd, met een beroep op de rassenwetten, zette hij een commissie op die statuten moest schrijven die joodse leden uitsloot.

In dat kader correspondeerde Debye intensief met het ministerie over de exacte regelgeving voor dat soort situaties. De behandelend ambtenaar spreekt in duidelijke bewoordingen over het jodenvraagstuk. Uit niets blijkt dat Debye zich daaraan stoorde.


Rotterdam ziet af van naamswijziging Debijeweg

De gemeente Rotterdam heeft besloten de straatnaam Debijeweg gewoon te handhaven. De weg is vernoemd naar de Nederlandse Nobelprijswinnaar Peter Debye die begin dit jaar in opspraak kwam omdat hij nazisympathieën zou hebben gehad. Het college van burgemeester en wethouders besloot deze week een verzoek tot straatnaamswijziging naast zich neer te leggen omdat dat "verregaande consequenties heeft die hoge kosten met zich meebrengen".

Uit: Overheidsportaal 19 mei 2006


Volkskrant - 21 jun 2006

Van onze verslaggever Martijn van Calmthout

AMSTERDAM -  De Universiteit Utrecht heeft de directie van het voormalige Debye-instituut voor nanochemie vorige week gesommeerd een nieuw boekje over het oorlogsverleden van zijn naamgever, de Nederlandse Nobelprijswinnaar Peter Debye, niet te verspreiden. Rondgestuurde exemplaren moeten worden teruggehaald. Directeur Jenneskens van het instituut is persoonlijk berispt.

Het college van bestuur zegt dat de instituutsuitgave een te persoonlijke interpretatie geeft van het besluit eerder dit jaar om het Debye- instituut zijn naam te ontnemen.

De universiteit besloot daartoe kort na een publicatie van de Nederlandse wetenschapshistoricus Sybe Rispens, die suggereerde dat de Debye tot in de Tweede Wereldoorlog in Duitsland met de nazi’s had samengewerkt. Hij zou onder meer joodse leden uit de vakvereniging voor fysici hebben gezet, waarvan hij voorzitter was.

In 1939 week Debye uit naar de Verenigde Staten. Volgens Rispens hield hij evenwel nog jaren officiële contacten, waarin hij aangaf en liet hij weten wel terug te willen keren. Het boekje van het instituut is een poging Debyes dubieuze rol te weerleggen, onder meer door de originele brieven, bronnen en documenten te presenteren uit de verdachte periode.

Daarnaast wordt in de bronnenstudie er een poging in gedaan te reconstrueren hoe de Debye-affaire binnen twee weken heeft kunnen uitmonden in het besluit van de universiteit om de naam te schrappen. Wetenschappelijk directeur Van Ginkel van het instituut stelt in de reconstructie onder meer de rol van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) aan de kaak. Het NIOD Dit meldde kort na de eerste publicatie over Debyes Duitse rol, in van Rispens boek Einstein in Nederland dat de door Rispen aangedragen bronnen authentiek en betrouwbaar leken. Mede op grond daarvan nam het Utrechtse bestuur zijn beslissing.

Inmiddels zijn de universiteit en de directeur van het voormalige Debye-instituut overeengekomen dat alleen de bronnenstudie over de periode 1935-1945 zal worden gepubliceerd. Dat meldt een woordvoerder van het Utrechtse college van bestuur.

In Maastricht, waar Debye werd geboren en hij als een plaatselijke beroemdheid geldt, besloot de universiteit een naar hem vernoemde wetenschappelijke prijs te schrappen. Beide universiteiten kondigden destijds een diepgaande studie aan naar de zaak, om te verhelderen wat Debye nu wel en niet te verwijten valt.

De nu verboden bronnenstudie is een initiatief van het Debye-instituut zelf. In het boekje staat ook een brief van Nobelprijswinnaar (natuurkunde 1999) Martinus Veltman, waarin hij aangeeft dat zijn lovende voorwoord in Rispens boek Einstein in Nederland bij nader inzien een vergissing is geweest. In nieuwe edities zal dat voorwoord niet meer worden afgedrukt, meldt Veltman.

De herleving van de Debye- kwestie is het tweede geval van censuur aan de Utrechtse universiteit binnen een week. Afgelopen vrijdag moest kerkhistoricus prof. Pieter van der Horst enkele passages van zijn afscheidsrede schrappen omdat die in de islamitische wereld te gevoelig konden liggen.