Amsterdams Stadsblad, 4-4-2001


Rob Stolk was en bleef provo

Amsterdam- Jongens waren we, maar aardige jongens. Zo opent Nescio zijn Titaantjes en zo ongeveer beschreef Rob Stolk zijn periode als provo en Nieuwmarkt-activist. Rob is niet meer. Hij overleed onverwacht vrijdagnacht op veel te jonge leeftijd (55) in zijn woning in Zuid.

Rob Stolk was een van de belangrijkste figuren van provo (1965-1967): medegrondlegger en een paar jaar later ook de man die het hoofdstuk definitief sloot. Anders dan Roel van Duijn geloofde Stolk niet in een vervolg. In Vrij Nederland zei hij over Van Duijns Kabouters: "Dat vond ik een flauwe herhaling van Provo". Het doel was immers bereikt, het gezag onderuit gehaald, burgemeester Van Hall en de hoofdcommissaris van politie naar huis gestuurd.
Provo: Rob Stolk, Jasper Grootveld de rookmagiŽr, Van Duijn, Luud Schimmelpenninck, Bernhard de Vries (eerste rookbom bij het huwelijk van Beatrix en Claus) hoorden erbij. Veel kunstenaars ook, zoals Aat Veldhoen met zijn spotprenten van het koningshuis. Provo was ludiek, provocatief, niet gewelddadig, anarchistisch en kunstzinnig.

Stolk -na de provo nog een tijdje op de barricaden voor behoud van de Nieuwmarkt- ging op het kunstzinnige vlak door. Als huisdrukker van provo verstond Stolk zijn vak. Drukkerij Rob Stolk aan de Mauritskade groeide uit tot een zakelijk gerund kwaliteitsbedrijf. Schatplichtig aan zijn verleden, hield Stolk een voorkeur voor klanten uit de ideŽle en artistieke hoek, coachte talent en discussieerde graag, onder werktijd, over ontwikkelingen in de stad.

Stolk werd een instituut, al zat het sommige vrienden van vroeger niet lekker dat hij begin jaren tachtig met beide benen keihard op de materialistische aardkloot was teruggekeerd, terwijl anderen nog jarenlang bleven zweven. Maar hoe nuchter ook, Rob Stolk bleef in zijn hart een provo.

Terug naar de provo krantenindex