Dossiers

Ontlastingincontinentie

Ontlastingincontinentie is het ongewild verliezen van ontlasting. Dit komt vrij veel voor: naar schatting bij 50.000 tot 200.000 mensen in Nederland. Het komt vooral voor bij ouderen, vaak mensen die in verzorgingstehuizen en in verpleeghuizen zijn opgenomen. Toch is ontlastingincontinentie geen ouderdomsziekte; ook jonge mensen lijden eraan. Overigens hebben meer vrouwen dan mannen er last van.

Bij heel jonge kinderen is het normaal dat ze in de broek poepen. Soms duurt het langer dan gemiddeld tot het kind zindelijk is geworden. Dit noemt men geen ontlastingincontinentie, maar broekpoepen.

Ontlastingincontinentie is voor veel mensen een taboe. Ze praten er niet over of komen nauwelijks de deur meer uit, uit angst zich 'te bevuilen'. Toch is het heel verstandig om er wel over te praten, want vaak is er wat aan te doen. Ga daarom altijd naar de huisarts, liefst in een vroeg stadium. Maar ook als de klachten al langer bestaan is er vaak een behandeling mogelijk.

Andere namen voor ontlastingincontinentie zijn anale incontinentie en incontinentia faecalis.

Oorzaken

Normaal gesproken wordt de ontlasting opgehouden door twee kringspieren (of sluitspieren) in de anus en de bekkenbodemspieren. De binnenste kringspier is gesloten en ontspant zich vanzelf als de endeldarm (het laatste deel van de dikke darm) is gevuld. De buitenste zorgt dat de ontlasting niet vanzelf naar buiten loopt als de endeldarm is gevuld. Deze kringspier ontspant zich pas als de hersenen daarvoor een signaal geven, dus als u daar bewust voor kiest.

Het bewust en onbewust aansturen van de kringspieren is een ingewikkeld proces, waarin veel mis kan gaan. Enkele voorbeelden zijn:

  • De kringspier zelf raakt beschadigd. Bij vrouwen gebeurt dit nogal eens bij een bevalling. Tijdens het persen scheuren de onderliggende spieren soms uit tot in de kringspier van de anus. Die kan gehecht worden, maar dat garandeert niet dat hij daarna nog helemaal goed werkt. Dit kan ook gebeuren als de vagina tijdens de bevalling wordt ingeknipt. Verder werkt de kringspier soms minder goed na een operatie voor aambeien, fistels of andere anusproblemen. Soms duurt het nog jaren voordat de beschadigde kringspier problemen veroorzaakt. Dat komt omdat de spier dan door veroudering verder verslapt is geraakt.
  • De kringspier gaat minder goed werken door veroudering.
  • De zenuwen van de anus en de bekkenbodem raken beschadigd. Dit kan gebeuren door een ziekte, een operatie, tijdens een langdurige bevalling of een tangverlossing.
  • De endeldarm verzakt, waardoor de kringspier steeds wat meer opgerekt wordt. Daardoor werkt hij minder goed.
  • De endeldarm is afgesloten door een ernstige chronische verstopping. Bovenop die harde ontlasting kunnen darmbacteriën gaan gisten. Dit veroorzaakt een moeilijk op te houden diarree, die langs de ontlastingprop naar buiten lekt. Dit komt wel voor bij ouderen die te weinig bewegen en te weinig vocht drinken.
Behandeling

De behandeling van ontlastingincontinentie hangt af van de oorzaak ervan.

  • Bij een onregelmatige stoelgang kan een vezelrijke voeding een oplossing zijn (volkorenproducten, groenten en fruit). Daarbij moet u per dag minstens twee liter water drinken.
  • Lang aanhoudende diarree kan te maken hebben met een ontsteking in de darm. Hiertegen kunt u medicijnen gebruiken.
  • Fysiotherapie kan helpen als de bekkenbodemspieren (spieren onder in de buik) zijn verslapt. Deze spieren worden dan getraind.
  • Een beschadigde sluitspier wordt soms met een operatie hersteld.
  • Soms is een pacemaker voor de sluitspier een oplossing. De arts haalt een spier uit de dij en legt die om de darmuitgang. Deze nieuwe sluitspier wordt aangestuurd via een pacemaker, een apparaatje dat zorgt voor aanspanning en ontspanning van de kringspier.
  • Het is ook mogelijk om een volledig kunstmatige sluitspier te maken.
  • Bij een zenuwbeschadiging kan een soort pacemaker helpen om de zenuwen die de kringspieren van de anus aansturen te laten werken.
  • Sommige mensen met ontlastingincontinentie spoelen de darm. Dit noemt men ook wel een klysma. De patiënt maakt de dikke darm op vaste tijdstippen leeg door hem te spoelen met lauwwarm water.
  • Bij ondraaglijke ontlastingincontinentie die niet te behandelen is, kan de chirurg een kunstmatige uitgang van de darm maken (stoma). Die uitgang komt in de buikhuid, dus aan de voorkant van het lichaam. De ontlasting wordt dan opgevangen in een zakje.
Lees ook:
Links: